Auteursarchief: Inostrate

Over Inostrate

diëtiste met als hobby's filosofie en bakken

Kersttaart met zwarte pruimen – bevat gluten

Deze prachtige stertaart voor Kerst heeft een bijzondere vulling van gedroogde zwarte pruimen. Bovenop de vulling van pruimenmoes komt een versiering van kerstkoekjes zodat deze taart er met weinig moeite meteen heel aantrekkelijk uitziet. Het deeg is een kruidig koekdeeg en is gemakkelijk uit te rollen. Er zit een kleine hoeveelheid volkorenmeel in voor een mooie kleur en extra smaak. Als je wat koekdeeg overhoudt dan kun je er nog wat extra kerstkoekjes bakken om even vooraf al wat te proeven.
Voor nog meer kerstrecepten uit dasanderekoek: klik hier voor kerstgebak en kerstbrood
Fijne decembermaand voor alle bloglezers met veel bakplezier en bedankt voor jullie aandacht!

zwarte pruimentaart ap kl

kersttaart met een aparte vulling van zwarte pruimenmoes

Pruimenmoesvulling
Was 250 gram gedroogde pruimen goed en laat ze daarna een nacht weken in lekkere kruidige thee, bijvoorbeeld rooibos met een kaneelstokje. Giet het weekvocht goed af en bewaar dit, het is lekker om op te drinken. Mix de uitgelekte pruimen tot een pruimenpuree met een staafmixer en breng dit moes op smaak met vanillesuiker en sinaasappelsuiker. De puree moet dik en smeerbaar zijn anders loopt deze vulling straks weg als je de taart aansnijdt. Het is heel lekker om een lepel sinaasappelsuiker of citroensuiker of vanillesuiker in de pruimenmoes te doen en een lepeltje appelstroop voor wat frisheid.
Je kunt ook gewelde pruimen kopen, neem dan ongeveer 375 gram en verdun de puree eventueel met wat appelsap of koude thee en verwerk verder zoals hierboven.

Deeg voor de taart:
250 gram spelt- of tarwebloem
50 gram fijn volkorentarwemeel
8 gram bakpoeder
1 gram zout
1 theelepel koek-of speculaaskruiden
130 gram kristalsuiker
15 gram sinaasappelsuiker
105 gram roomboter
1 ei
1 eetlepel halfvolle melk
garnering:
1/2 losgeklopt ei
1-2 eetlepels greinsuiker

Voor het deeg zeef je de meelsoorten, het zout en het bakpoeder samen. Verwijder de grove zemelen van het volkorenmeel, persoonlijk vind ik dit een fijner deeg opleveren. De zemelen kun je bewaren voor in een brood bijvoorbeeld.
Meng de meelmassa, het bakpoeder, zout en de specerijen plus de suikers samen en voeg dan de roomboter toe. Meng dit tot een kruimelige massa.
Voeg dan het ei en melk toe tot een goede samenhang. Laat het deeg even afgedekt een half uurtje koelen en opstijven.
Vet ondertussen een stervormige koekvorm royaal in met roomboter. Een ronde springvorm van 20 centimeter doorsnede kan ook natuurlijk.  Maak een dubbele lange smalle reep bakpapier en laat deze uitsteken aan de buitenzijdes zodat je hiermee de stertaart makkelijk uit de stervorm kunt nemen, bij de springvorm hoeft dit niet. Leg onderin de bakvorm nog een aangepast vel bakpapier om de taart makkelijker te lossen.
Verwarm de oven voor op 170 graden Celsius.

Rol het deeg uit op een licht bebloemd werkblad tot ongeveer een halve centimeter dikte en tot de diameter van je koekvorm plus de randhoogte. Drapeer het deeg in de vorm en snij het af op 4 centimeter hoogte. Prik hier en daar een aantal keren in de deegbodem met een vork.

Doe de op smaak gemaakte pruimenvulling in de deegvorm en verdeel deze goed en strijk plat.
Rol  het resterende deeg deeg uit en steek er kerstkoekjes uit die bij je vorm passen, een aantal grote en kleine staat goed. Leg de koekjes op de pruimenmoes in een mooi patroon.
Bestrijk de kerstkoekjes en de deegrand dun met losgeklopt ei en garneer de koekjes met de greinsuiker.
Bak de pruimentaart gaar en bruin in 25 minuten bij 170 graden Celsius.
Laat de taart een paar minuten afkoelen buiten de oven en neem dan de taart uit de vorm. Het kan zijn dat je de taart even moet lossnijden aan de buitenranden met een scherp mesje. Laat de taart verder afkoelen op een taartrooster.
Geniet ervan met de kerstdagen!

Speculaas – glutenvrij

Als Sinterklaas in het land is, krijg ik altijd weer trek in kruidige en knapperige koek. Daarom maakte ik voor de komende decembermaand deze gulle speculaasbrokken om samen te maken met de hulppieten en daarna samen alle koek op te peuzelen. De meelsoorten voor de speculaasbrokken zijn natuurlijk glutenvrij en heel gezond want ze zijn vezelrijk: boekweit en teff. Deze donkere meelsoorten zijn aards van smaak en kunnen de krachtige speculaaskruiden heel goed dragen. De speculaaskruiden kun je ook zelf maken. Als rijsmiddel nam ik natriumbicarbonaat of baksoda wat een bros resultaat geeft in combinatie met het sinaasappelsap in het deeg.
Kijk ook eens hier voor alle sinterklaasgebak-recepten en hier voor alle kerstrecepten in dit dasanderekoekblog. Fijne decembermaand gewenst met veel bakplezier en groet van Inostrate!

glutenvrije speculaasbrokken

glutenvrije speculaasbrokken

Wat heb je nodig voor de glutenvrije speculaasbrokken?

60 gram plantaardige margarine
85 gram lichte basterdsuiker
10 gram sinaasappelsuiker
25 mililiter sinaasappelsap
80 gram boekweitmeel
55 gram teffmeel
2 gram fiberhusk
mespunt zout
8 gram speculaaskruiden
2 gram natriumbicarbonaat, eventueel te vervangen door bakpoeder
1/2 geklopt ei om te bestrijken

De bereiding:

Meng eerst het boekweit- en teffmeel met de fiberhusk, het zout, de speculaaskruiden en het natriumbicarbonaat in een aparte kom.
Mix in een andere grote mengkom de margarine en de basterdsuiker plus de sinaasappelsuiker plus het sap tot een egale massa.
Voeg dan de droge meelmassa bij de margarinemassa en meng dit tot een soepel deeg.
Laat dit deeg afgedekt een half uurtje rusten op kamertemperatuur om de smaken goed te laten intrekken. Dit is belangrijk voor de brosse structuur van de speculaas!
Verwarm de oven voor op 170 graden Celsius.
Zet een bakplaat klaar en leg een vel bakpapier op je werkblad.
Verdeel het deeg nu in twee helften op het bakpapier en druk deze tot 2 min of meer vierkante plakken uit , eerst met je vingers en het laatste deel met een deegrol tot een regelmatige dikte van 3 – 4 milimeter, dus iets minder dan een halve centimeter.
Bestrijk deze plakken met dun met wat losgeklopt ei voor een mooie glans. Schuif nu het bakpapier op de bakplaat (eventueel een hulppiet vragen voor assistentie) en plaats alles in de voorverwarmde oven.
Bij dit gebak gebruikte ik géén stoombakje zodat het deeg wat brosser bleef.
Bak de speculaas in 14 tot 15 minuten mooi bruin en bros. Het ruikt nu heerlijk in je keuken! Neem de speculaas uit de oven en leg de plakken op een rooster. Als de koek is afgekoeld kun je er lekkere brokken van breken.

Veel plezier met glutenvrij bakken in de decembermaand!

Glutenvrije broodjes

In de afgelopen vijf jaren heb ik met glutenvrij meel al een heleboel kleine broodjes voor dasanderekoek gemaakt. Broodjes voor verschillende feestelijke gelegenheden zoals kerst of sinterklaas en valentijn maar natuurlijk ook voor alledag. Vormen en smaken verschillen per broodje en hopelijk is er ook iets lekkers voor jou bij. Ik vond het leuk om ze nog eens overzichtelijk bij elkaar te zetten in onderstaande fotogalerij. Via de verschillende links vind je het bijbehorende recept.

decemberbroodjes voor de feestdagen

decemberbr glu kl

glutenvrije decemberbroodjes, ook geschikt als oliebolletje

pepernotenbroodjes

glutenvrije pepernotenbroodjes

valentijnbroodjes

glutenvrije valentijnbroodjes met kaas

gevulde boekweitbroodjes

boekweitbroodjes met vulling

kruidige glutenvrije boekweitbroodjes met venkelzaadjes en zonnebloempitten

rozijnenbroodjes

rozijnenbroodjes

glutenvrije rozijnenbroodjes gebakken in een muffinvorm

voor alledag:
zonnepittenbroodjes

pittenbroodjes

kleine pittenbroodjes

witte broodjes

witte broodjes

witte glutenvrije broodjes

hartige rijstmuffins

rijstmuffins

hartige glutenvrije rijstmuffins

bruine boekweitbroodjes

boekweitbroodjes stevig

stevige boekweitbroodjes met vulling, heerlijk op vakantie voor onderweg

knapperige boekweitpistolets

boekweitpistolets

glutenvrije boekweitpistolets

haverbroodjes met maanzaad

haverbroodjes met maanzaad

glutenvrije haverbroodjes met maanzaad

vierkante maisbroodjes, een platbroodje

maisbroodjes

knapperige glutenvrije maisbroodjes

pizzabroodjes, ook een platbroodje

glutenvrije pizzabroodjes

glutenvrije pizzabroodjes

 

Zoete kastanjepuree zelf maken

Herfst, veel buien en na de overvloedige regen zijn opeens naast de vele paddestoelen ook een boel noten te vinden in het bos. Tamme kastanjes zijn noten die ik vorig jaar voor het eerst heb verwerkt tot een zoete kastanjepuree. In de zomer kreeg ik een potje kastanjepuree uit Frankrijk van een vriendin en ik vond dit zo lekker dat ik het zelf wilde gaan maken. Het rapen is een prikkelende zaak door de stekelige bolsters en het pellen is ook niet zo makkelijk maar misschien kun je het samen met iemand anders doen, dan gaat dit vlotter en is het nog gezellig ook. Het eindresultaat is een verrassend fijn smakende puree die je kunt vergelijken met zachte romige amandelspijs. Je kunt deze puree bijvoorbeeld gebruiken als een laagje onder de vulling bij een appeltaart. Onderaan het recept vind je nog meer mogelijkheden.

kastanjepuree maken

zoete kastanjepuree zelf maken, kost even moeite maar dit is het waard

De bereiding van de zoete kastanjepuree:

Snij de tamme kastanjes in met een zaagmesje, ik deed dit aan de bolle kant. Let op dat je je niet snijdt want de schillen zijn glad en hard.
Laat de kastanjes daarna in een kookpan 5 minuten koken, net onder water.
Pel ze daarna zo snel mogelijk (ze zijn dan nog heet maar dat gaat beter dan na afkoelen) Kies alleen de mooie aardappelkleurige kastanjes uit om mee verder te werken. Is het vruchtvlees donker of anders gekleurd dan zijn ze niet goed.

Laat de gepelde kastanjes nogmaals 15 minuten koken, net onder water. Laat ze uitlekken en weeg nu hoeveel kastanjes je over hebt.
Heb je méér kastanjes gevonden, dan vermenigvuldig je dit volgende recept naar rato:

Voor 100 gram gepelde kastanjes maakte ik in een steelpan met deksel een stroopje van:
90 gram lichte basterdsuiker
10 gram sinaasappelsuiker
120 mililiter water
en een vanillestokje erbij
Laat dit stroopje enkele minuten doorkoken onder af en toe roeren.

Laat daarna de gekookte kastanjes in het stroopje met deksel 15 minuten sudderen onder af en toe roeren. Laat alles even afkoelen want de stroop is zeer heet.
Mix het daarna in een staafmixerbakje. De kastanjepuree heeft nu de dikte van jam. Als je het heel fijn mixt wordt het zalvig maar wat grover is ook lekker. Bewaar de puree in een klein jampotje met deksel in de koelkast. In de koelkast kun je de kastanjepuree wekenlang bewaren en in de vriezer natuurlijk nog langer.

Deze zoete kastanjepuree kun je verwerken in een feestelijke herfsttaart. Dit recept voor een chocolade-kastanjetaart vond ik wel leuk. Maar het is ook lekker als je het smeert als beleg voor brood.

Misschien vind je dit ook lekker in de herfst:

Chocoladetaart met vers fruit – bevat gluten

Bij een chocoladetaart denk je al snel aan een zwaar gerecht, dat heb ik met dit recept proberen te doorbreken. Als inspiratiebron gebruikte ik deze keer een recept uit het sfeervolle boek “De Italiaanse bakker thuis” van Gino D’Acampo” met kleine aanpassingen. Deze chocoladetaart is een stuk lichter verteerbaar doordat boter in het deeg vervangen is door een vetarme zuivelspread waardoor het toch een stevig deeg wordt. Het is een makkelijk te maken roerdeeg wat betekent dat je alles in de volgorde van het recept door elkaar mixt in één kom. De chocoladesmaak is afkomstig van cacaopoeder en geeft een mooie volle smaak aan het gebak wat wel een beetje lijkt op een brownie. De witte topping van magere yoghurt en vetarme zuivelspread bovenop de taart en het verse fruit maken het licht en fris. Allerlei vers fruit van het seizoen kan erop, je kunt variëren met rode of blauwe bessen, frambozen, bramen, ananas of een combi hiervan. Het geheel is heel feestelijk voor bij de koffie of thee en ook lekker als dessert na een Italiaanse maaltijd.

chocoladetaart met rood fruit

lichte chocoladetaart met rood fruit en topping van o.a. yoghurt

Wat heb je nodig voor deze chocoladetaart met rood fruit en topping?

150 gram spread naturel light AH 16% vet
120 gram fijne kristalsuiker
10 gram sinaasappelsuiker
2 eieren M
1/2 theelepel kaneel
mespunt zout
100 gram tarwebloem
6 gram bakpoeder
22 gram cacaopoeder
Topping:
50 gram spread light 16% AH
100 gram dikke naturel biologische magere yoghurt
1 eetlepel poedersuiker of zoetstof als je minder suiker wil gebruiken
Vulling bovenop:
200 tot 300 gram verse rode of blauwe bessen, bramen of frambozen óf goed uitgelekte ananas uit blik

De bereiding:
Neem een vierkante koekvorm van 20cm bij 20 cm en vet deze licht in met olie en bekleed deze ruim met bakpapier zodat het lossen straks makkelijk gaat en laat het uitdampen op een rooster..
Verwarm de oven voor op 190 graden Celsius.

Doe de spread met de suikers en eieren in een grote kom en mix alles glad. Zeef daarna de bloem, kaneel, zout, cacapoeder en de bakpoeder erbij en klop dit ook glad met de mixer.
Giet het beslag in de vorm en strijk de bovenkant glad.

Bak de taart in 25 minuten gaar. Neem de taart uit de vorm met het papier en laat deze uitdampen op een rooster.

ls de taart afgekoeld dan kan de topping erop. Neem hiervoor de spread en de yoghurt plus suiker of zoetmiddel en meng dit glad. Strijk het op de bovenkant van de taart. Leg hier de gewassen en goed gedroogde vruchten op, liefst vlak voor het gebruik, en strooi er eventueel wat zoetmiddel over. De taart is gekoeld goed een dag houdbaar.
Buon appetito!

Misschien vind je dit ook leuk om te bekijken:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abrikozentaart – glutenvrij

Midden in deze warme zomer van 2019 een frisse glutenvrije abrikozentaart die heerlijk smaakt bij koffie en thee maar ook heel geschikt is als een feestelijk dessert. Ik maakte deze vorig jaar voor mijn verjaardag en iedereen heeft ervan gesmuld. De taart werd mooi hoog en was vol van smaak door o.a. amandelmeel, wat geraspte gember voor een lichte ondertoon en frisheid en de citroensuiker maakte de smaak af. Als je vlierbloesemsiroop zelf gemaakt hebt of in huis hebt dan kun je deze hierbij gebruiken als een extra smaakmaker om de abrikozenjam te verdunnen. Geniet van deze taart en van de zomer!

abrikozentaart glutenvrij

zomerse abrikozentaart zonder gluten maar met veel smaak

Wat heb je nodig voor de glutenvrije abrikozentaart?

100 gram zachte plantaardige margarine
150 gram kristalsuiker
15 gram citroensuiker
3 eieren M
mespunt zout
50 gram maismeel, polentakwaliteit
75 gram rijstemeel
100 gram amandelmeel
2 gram fiberhusk
4 gram bakpoeder
2 centimeter verse gember geraspt
100 gram lactosevrije melk
Vulling:
2 eetlepels abrikozenjam en 1/2 eetlepel water of vlierbessensiroop
1 blik goed uitgelekte abrikozen óf verse halve abrikozen of pruimen (12 stuks)
15 gram pijnboompitten

De bereiding:

Zorg dat alle ingrediënten op kamertemperatuur zijn. Laat de abrikozen uit blik goed uitlekken, eerst in een zeef en dan droogdeppen met keukenpapier.
Vet een springvorm in van 20 centimeter doorsnede met neutrale olie en bekleed deze met bakpapier.  Schil de gember en rasp deze fijn.
Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Weeg alle meelsoorten af en zeef ze samen met het zout, de fiberhusk, bakpoeder en meng de gember erdoor in een aparte kom.
Mix de margarine met de suikers luchtig in een grote mengkom. Voeg daarna een voor een de eieren toe. Voeg als laatste de melk toe in drie delen, om en om met steeds een derde deel van  het meelmengsel toe uit de aparte kom. Zo behoud je de meeste luchtigheid.
Schep het beslag in de springvorm en strijk de bovenkant glad.
Verdun de abrikozenjam met de vlierbessensiroop in een kommetje en verdeel dit als een kringelend riviertje gelijkmatig over de taart. Leg de abrikozen goed verdeeld hierop en strooi de pijnboompitten erover.
Bak de taart in 30 minuten mooi bruin. Eventueel na afkoelen nog wat vlierbloesemsiroop erover druppelen en vlak voor het opdienen, bestrooien met poedersuiker .

Misschien vind je deze glutenvrije pruimentaart ook lekker:

pruimentaart24juli

pruimentaart van glutenvrij korstdeeg

 

 

Venkelkoekjes van Seneca – bevat gluten

Een korte reisimpressie, een historische ‘vondst’ van een unieke brief van de filosoof Seneca en een venkelkoekje, dit alles deze keer in het blog van dasanderekoek!
In de maand mei was ik in Italië op een groepsreis met Rubico om in de voetsporen van de Romeinse filosoof Seneca te treden. Hierbij werd de stad Pozzuoli bezocht, het vroegere Putuoli. Deze stad was in de Romeinse tijd een zeer belangrijke haven die zorgde dat het oude Rome bevoorraad werd van graan uit Afrika en zeldzame producten uit Azië. De stad ligt aan een azuurblauwe baai in de buurt van Napels en in deze omgeving verbleven rijke Romeinen in hun grote zomervilla’s met een luxe badcultuur. Onderstaande foto’s geven een impressie van deze reis.


Seneca was als filosoof en politicus de leraar van de jonge keizer Nero en Seneca regeerde tegelijkertijd het Romeinse Rijk in de jaren 54 tot 62. Daarna probeerde hij tijdens de regering van de alleenheerser Nero de politieke moraal in Rome nog enigzins positief te beïnvloeden door zijn geschriften waarin hij bedekte kritiek uitte. Openlijke kritiek zou hem meteen de kop kosten. Onze reisgroep kreeg ’s morgens uitleg over een aantal van Seneca’s brieven. Hierin vertelde hij over de omgeving van Putuoli die bij hem filosofische overpeinzingen opriep en indirecte kritiek waren op Nero’s beleid voor een goede verstaander. Als ode aan Rubico  stelde  ik de volgende satirische brief samen in Seneca’s schrijfstijl die ik ‘vond’ in de Romeinse opgravingen onder ons kuurbadhotel Neronensis. In het volgende fragment van mijn brief verwerk ik onze reiservaringen.

Seneca overdenkt zijn leven tijdens een verblijf in Putuoli en beschrijft aan zijn denkbeeldige vriend Lucillius het volgende idee:

Wat zou er gebeurd zijn als ik een kleine filosofenschool had opgericht, Lucillius? De beste manier om iets te leren is immers om er les in te geven. Deze filosofenschool zou de naam kunnen dragen die mij hier in Putuoli voor de geest komt: Rubico Neronensis. Op deze school zou ik volwassenen lesgeven, zowel mannen als vrouwen uit alle delen van het Romeinse rijk. Waar denk je anders dan in Baiae zou ik de school oprichten zodat we een voortreffelijk uitzicht hadden op de blauwe baai en kaap Micene? Boven de ingang van de school zou de tekst Anima Felix Vivas iedereen welkom heten. In de onderliggende gewelven van het schoolgebouw zou ik een sobere badgelegenheid plaatsen want hygiëne is erg belangrijk. De leerlingen zou ik in de ochtenduren vrijmoedig voorlezen uit mijn brieven aan jou Lucillius, en samen zouden we erover van gedachten wisselen. In de middaguren stel ik me dan voor om hen  wandelend rond te leiden langs de  villa’s van Scipio en Vatia, wiens levens voorbeeldig waren. Zonder gezelschap is geluk onmogelijk en al filosoferend zouden we leren hoe te leven en te sterven. Als leraar zou ik sober gekleed zijn, in korte Griekse toga en mijn haren zouden kortgeknipt zijn. Ook de leerlingen zouden zich kleden in korte mantels en dunne beenkleding en sandalen aan hun voeten dragen. We zouden gezamenlijk eten van gezonde maaltijden met vis, schaal en schelpdieren uit de baai, veel groenten en een kleine hoeveelheid brood. Alles met mate want een overmaat aan eetlust loopt uit op vetzucht, daarom moet dit vermeden worden, niet uit oogpunt van zelfbeheersing, maar van gezondheid. De sfeer zou ontspannen zijn want slaven zorgen voor de maaltijden en slaapgelegenheden. Inderdaad, Rubico Neronensis is iets groots wat ik nog ooit had willen bereiken. Wat denk je Lucilius, vind je dit een belachelijk idee? Wie met zichzelf kan lachen is nooit belachelijk.
Hartelijke groeten, Seneca

© jaar 65, Seneca – brief in mei 2019 gevonden door Inostrate in de kelderruimte van hotel Neronensis te Pozzuoli            

Als idee voor een filosofisch tussendoortje vond ik bij een plaatselijke Italiaanse bakker in Pozzuoli een lekker licht zoet knabbelkoekje. Het was gemaakt van een soort brooddeeg (Tarallini geheten) dat uitstekend past bij Seneca’s sobere levensstijl én bij de plaatselijke eetcultuur van Pozzuoli/Putuoli waarin graan, olie, wijn en venkelzaad voorkomen. Je kunt dit nu zelf gaan maken.

venkelknabbels fil kl

venkelzaadkoekjes voor de filosoof Seneca


Wat heb je nodig voor Seneca’s knabbelkoekjes met venkel?

200 gram tarwebloem
50 gram volkorentarwemeel
3 gram zout
1 theelepel gevijzeld venkelzaad
6 gram bakpoeder
30 gram pijnboompitten
30 gram vloeibare honing
50 gram olijfolie
95 gram water en/of witte wijn

De bereiding:

Meng eerst de droge bestanddelen, het meel, de bloem, zout, bakpoeder, venkelzaad en pitten in een kom door elkaar en voeg daarna de honing, olijfolie en het water of de wijn toe en kneed hiervan een soepel deegje.
Verwarm de oven op 175 graden Celsius.
Neem kleine stukjes deeg van 20 gram en maak er dunne rolletjes van van ongeveer 9 centimeter. Sla dit om je vinger en knijp de uiteinden samen zoals bij een tortellini. Leg alle rondjes op een bakplaat met bakpapier en bak ze in 16 minuten goudbruin, ze worden wat donkerder aan de onderkant. Draai de oven uit en laat het knabbelgebak daarna nog twee minuten nagaren en uitdrogen in de afkoelende oven.
De broodkoekjes zijn het lekkerst op de dag van het bakken als ze vers en warm zijn maar je kunt ze ook kort bewaren in een goed afgesloten trommel nadat ze afgekoeld zijn en oppiepen in een koekenpan om ze weer knapperig te maken.
Deze lichtzoete venkelzaadknabbels zijn lekker bij een glaasje wijn of bij een picknick of maaltijdsoep als bijgerecht en bij het lezen van de brieven van Seneca.

Ook gevaarlijk lekker en leuk om te lezen zijn de gifkoekjes voor Seneca gemaakt door Agrippina, de moeder van Nero!

gifkoekjes seneca2 klein

de gifkoekjes voor Seneca