Categorie archief: aparte koek

Uniek gebak met aparte ingrediënten, niet te vet of te zoet en aparte meelsoorten. Bevat gluten.

Kersttaart met zwarte pruimen – bevat gluten

Deze prachtige stertaart voor Kerst heeft een bijzondere vulling van gedroogde zwarte pruimen. Bovenop de vulling van pruimenmoes komt een versiering van kerstkoekjes zodat deze taart er met weinig moeite meteen heel aantrekkelijk uitziet. Het deeg is een kruidig koekdeeg en is gemakkelijk uit te rollen. Er zit een kleine hoeveelheid volkorenmeel in voor een mooie kleur en extra smaak. Als je wat koekdeeg overhoudt dan kun je er nog wat extra kerstkoekjes bakken om even vooraf al wat te proeven.
Voor nog meer kerstrecepten uit dasanderekoek: klik hier voor kerstgebak en kerstbrood
Fijne decembermaand voor alle bloglezers met veel bakplezier en bedankt voor jullie aandacht!

zwarte pruimentaart ap kl

kersttaart met een aparte vulling van zwarte pruimenmoes

Pruimenmoesvulling
Was 250 gram gedroogde pruimen goed en laat ze daarna een nacht weken in lekkere kruidige thee, bijvoorbeeld rooibos met een kaneelstokje. Giet het weekvocht goed af en bewaar dit, het is lekker om op te drinken. Mix de uitgelekte pruimen tot een pruimenpuree met een staafmixer en breng dit moes op smaak met vanillesuiker en sinaasappelsuiker. De puree moet dik en smeerbaar zijn anders loopt deze vulling straks weg als je de taart aansnijdt. Het is heel lekker om een lepel sinaasappelsuiker of citroensuiker of vanillesuiker in de pruimenmoes te doen en een lepeltje appelstroop voor wat frisheid.
Je kunt ook gewelde pruimen kopen, neem dan ongeveer 375 gram en verdun de puree eventueel met wat appelsap of koude thee en verwerk verder zoals hierboven.

Deeg voor de taart:
250 gram spelt- of tarwebloem
50 gram fijn volkorentarwemeel
8 gram bakpoeder
1 gram zout
1 theelepel koek-of speculaaskruiden
130 gram kristalsuiker
15 gram sinaasappelsuiker
105 gram roomboter
1 ei
1 eetlepel halfvolle melk
garnering:
1/2 losgeklopt ei
1-2 eetlepels greinsuiker

Voor het deeg zeef je de meelsoorten, het zout en het bakpoeder samen. Verwijder de grove zemelen van het volkorenmeel, persoonlijk vind ik dit een fijner deeg opleveren. De zemelen kun je bewaren voor in een brood bijvoorbeeld.
Meng de meelmassa, het bakpoeder, zout en de specerijen plus de suikers samen en voeg dan de roomboter toe. Meng dit tot een kruimelige massa.
Voeg dan het ei en melk toe tot een goede samenhang. Laat het deeg even afgedekt een half uurtje koelen en opstijven.
Vet ondertussen een stervormige koekvorm royaal in met roomboter. Een ronde springvorm van 20 centimeter doorsnede kan ook natuurlijk.  Maak een dubbele lange smalle reep bakpapier en laat deze uitsteken aan de buitenzijdes zodat je hiermee de stertaart makkelijk uit de stervorm kunt nemen, bij de springvorm hoeft dit niet. Leg onderin de bakvorm nog een aangepast vel bakpapier om de taart makkelijker te lossen.
Verwarm de oven voor op 170 graden Celsius.

Rol het deeg uit op een licht bebloemd werkblad tot ongeveer een halve centimeter dikte en tot de diameter van je koekvorm plus de randhoogte. Drapeer het deeg in de vorm en snij het af op 4 centimeter hoogte. Prik hier en daar een aantal keren in de deegbodem met een vork.

Doe de op smaak gemaakte pruimenvulling in de deegvorm en verdeel deze goed en strijk plat.
Rol  het resterende deeg deeg uit en steek er kerstkoekjes uit die bij je vorm passen, een aantal grote en kleine staat goed. Leg de koekjes op de pruimenmoes in een mooi patroon.
Bestrijk de kerstkoekjes en de deegrand dun met losgeklopt ei en garneer de koekjes met de greinsuiker.
Bak de pruimentaart gaar en bruin in 25 minuten bij 170 graden Celsius.
Laat de taart een paar minuten afkoelen buiten de oven en neem dan de taart uit de vorm. Het kan zijn dat je de taart even moet lossnijden aan de buitenranden met een scherp mesje. Laat de taart verder afkoelen op een taartrooster.
Geniet ervan met de kerstdagen!

Zoete kastanjepuree zelf maken

Herfst, veel buien en na de overvloedige regen zijn opeens naast de vele paddestoelen ook een boel noten te vinden in het bos. Tamme kastanjes zijn noten die ik vorig jaar voor het eerst heb verwerkt tot een zoete kastanjepuree. In de zomer kreeg ik een potje kastanjepuree uit Frankrijk van een vriendin en ik vond dit zo lekker dat ik het zelf wilde gaan maken. Het rapen is een prikkelende zaak door de stekelige bolsters en het pellen is ook niet zo makkelijk maar misschien kun je het samen met iemand anders doen, dan gaat dit vlotter en is het nog gezellig ook. Het eindresultaat is een verrassend fijn smakende puree die je kunt vergelijken met zachte romige amandelspijs. Je kunt deze puree bijvoorbeeld gebruiken als een laagje onder de vulling bij een appeltaart. Onderaan het recept vind je nog meer mogelijkheden.

kastanjepuree maken

zoete kastanjepuree zelf maken, kost even moeite maar dit is het waard

De bereiding van de zoete kastanjepuree:

Snij de tamme kastanjes in met een zaagmesje, ik deed dit aan de bolle kant. Let op dat je je niet snijdt want de schillen zijn glad en hard.
Laat de kastanjes daarna in een kookpan 5 minuten koken, net onder water.
Pel ze daarna zo snel mogelijk (ze zijn dan nog heet maar dat gaat beter dan na afkoelen) Kies alleen de mooie aardappelkleurige kastanjes uit om mee verder te werken. Is het vruchtvlees donker of anders gekleurd dan zijn ze niet goed.

Laat de gepelde kastanjes nogmaals 15 minuten koken, net onder water. Laat ze uitlekken en weeg nu hoeveel kastanjes je over hebt.
Heb je méér kastanjes gevonden, dan vermenigvuldig je dit volgende recept naar rato:

Voor 100 gram gepelde kastanjes maakte ik in een steelpan met deksel een stroopje van:
90 gram lichte basterdsuiker
10 gram sinaasappelsuiker
120 mililiter water
en een vanillestokje erbij
Laat dit stroopje enkele minuten doorkoken onder af en toe roeren.

Laat daarna de gekookte kastanjes in het stroopje met deksel 15 minuten sudderen onder af en toe roeren. Laat alles even afkoelen want de stroop is zeer heet.
Mix het daarna in een staafmixerbakje. De kastanjepuree heeft nu de dikte van jam. Als je het heel fijn mixt wordt het zalvig maar wat grover is ook lekker. Bewaar de puree in een klein jampotje met deksel in de koelkast. In de koelkast kun je de kastanjepuree wekenlang bewaren en in de vriezer natuurlijk nog langer.

Deze zoete kastanjepuree kun je verwerken in een feestelijke herfsttaart. Dit recept voor een chocolade-kastanjetaart vond ik wel leuk. Maar het is ook lekker als je het smeert als beleg voor brood.

Misschien vind je dit ook lekker in de herfst:

Chocoladetaart met vers fruit – bevat gluten

Bij een chocoladetaart denk je al snel aan een zwaar gerecht, dat heb ik met dit recept proberen te doorbreken. Als inspiratiebron gebruikte ik deze keer een recept uit het sfeervolle boek “De Italiaanse bakker thuis” van Gino D’Acampo” met kleine aanpassingen. Deze chocoladetaart is een stuk lichter verteerbaar doordat boter in het deeg vervangen is door een vetarme zuivelspread waardoor het toch een stevig deeg wordt. Het is een makkelijk te maken roerdeeg wat betekent dat je alles in de volgorde van het recept door elkaar mixt in één kom. De chocoladesmaak is afkomstig van cacaopoeder en geeft een mooie volle smaak aan het gebak wat wel een beetje lijkt op een brownie. De witte topping van magere yoghurt en vetarme zuivelspread bovenop de taart en het verse fruit maken het licht en fris. Allerlei vers fruit van het seizoen kan erop, je kunt variëren met rode of blauwe bessen, frambozen, bramen, ananas of een combi hiervan. Het geheel is heel feestelijk voor bij de koffie of thee en ook lekker als dessert na een Italiaanse maaltijd.

chocoladetaart met rood fruit

lichte chocoladetaart met rood fruit en topping van o.a. yoghurt

Wat heb je nodig voor deze chocoladetaart met rood fruit en topping?

150 gram spread naturel light AH 16% vet
120 gram fijne kristalsuiker
10 gram sinaasappelsuiker
2 eieren M
1/2 theelepel kaneel
mespunt zout
100 gram tarwebloem
6 gram bakpoeder
22 gram cacaopoeder
Topping:
50 gram spread light 16% AH
100 gram dikke naturel biologische magere yoghurt
1 eetlepel poedersuiker of zoetstof als je minder suiker wil gebruiken
Vulling bovenop:
200 tot 300 gram verse rode of blauwe bessen, bramen of frambozen óf goed uitgelekte ananas uit blik

De bereiding:
Neem een vierkante koekvorm van 20cm bij 20 cm en vet deze licht in met olie en bekleed deze ruim met bakpapier zodat het lossen straks makkelijk gaat en laat het uitdampen op een rooster..
Verwarm de oven voor op 190 graden Celsius.

Doe de spread met de suikers en eieren in een grote kom en mix alles glad. Zeef daarna de bloem, kaneel, zout, cacapoeder en de bakpoeder erbij en klop dit ook glad met de mixer.
Giet het beslag in de vorm en strijk de bovenkant glad.

Bak de taart in 25 minuten gaar. Neem de taart uit de vorm met het papier en laat deze uitdampen op een rooster.

ls de taart afgekoeld dan kan de topping erop. Neem hiervoor de spread en de yoghurt plus suiker of zoetmiddel en meng dit glad. Strijk het op de bovenkant van de taart. Leg hier de gewassen en goed gedroogde vruchten op, liefst vlak voor het gebruik, en strooi er eventueel wat zoetmiddel over. De taart is gekoeld goed een dag houdbaar.
Buon appetito!

Misschien vind je dit ook leuk om te bekijken:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Emmerbrood met een knip – bevat gluten

Emmer is een oud tarweras dat tegenwoordig weer geteeld wordt en zeker de moeite waard is om eens te proberen. In Nederland kwam deze graansoort al in de IJzertijd voor en werd gebruikt in bier en brood. Het is net als spelt een oude graansoort die al duizenden jaren gebruikt wordt maar door de lagere opbrengst en kortere houdbaarheid is verdrongen door andere tarwerassen. Wil je meer lezen over emmertarwe kijk dan eens op dit blogbericht van Ineke Berentschot, een deskundige collegablogster die al veel met emmermeel heeft gebakken. De smaak van mijn emmerbrood was bijzonder lekker, heerlijk nootachtig en een beetje zoet. Om het uit te proberen heb ik het voor de eerste keer verdund met tarwebloem voor een makkelijk te kneden brood maar in de toekomst ga ik zeker over op puur emmermeel en ga ook proberen om er zuurdesembrood mee te maken. Ik  kreeg een mooi lichtbruin brood wat niet kruimelig was, prachtige sneetjes opleverde en wat lang vers en smakelijk bleef. Het deeg is niet moeilijk te bewerken maar is vrij slap doordat het minder gluten bevat, daarom is bakken in een bakvorm aan te raden. Erg lang kneden was niet nodig want het deeg was snel soepel. Niet te lang kneden is ook belangrijk om te voorkomen dat het deeg taai wordt, net als bij speltmeel. Ik maakte er een knipbrood van door met de schaar puntjes in de bovenkant te knippen vlak voor het in de oven ging. Emmervolkorenmeel is o.a. te koop bij de Zuidmolen in Groesbeek. Koolzaadolie is een fijne oliesoort die afkomstig is uit Nederland en heeft een mooie gele kleur en is in elke grote supermarkt te vinden.

emmer ap (2) kl

emmerbrood met knipjes in de korst

emmer ap kl

emmerbrood doorgesneden

 Wat heb je nodig voor het brood met emmermeel?

400 gram emmervolkorenmeel
400 gram tarwebloem
12 gram instant gistkorrels
15 gram bakkerszout
15 gram sinaasappelsuiker
30 gram koolzaadolie
10-20 gram tarwebloem voor bij te strooien
480 gram lauw water

De bereiding:

Kneed in een vijftal minuten een licht vochtig deeg van de ingrediënten in een mengkom en later op je werkblad. Strek het deeg uit elkaar en klap het weer dubbel en herhaal dit enkele keren. Voeg er als laatste 10 tot 20 gram tarwebloem aan toe voor een steviger en soepel deeg zodat je er een bol van kunt maken.
Laat het deeg afgedekt in een dun met olie besmeerde mengkom met een dunne plastic zak erover gedurende 75 minuten rijzen op tochtvrije plaats.
Smeer een groot bakblik met een inhoud van 2,5 liter in met koolzaadolie. De afmetingen van mijn bakblik waren: 8 cm hoog, 26,5 cm lang en 10,5 cm breed. Je kunt dit brood ook in twee kleine bakvormpjes bakken, je krijgt dan meer heerlijke korst en grappige kleine sneetjes. De baktijd is dan ongeveer 5 minuten korter.
Kneed het deeg goed door en vorm er een langwerpige rol van. Plaats deze in het bakblik en laat het 30 tot 45 minuten narijzen tot het de bakvorm vult.
Knip het deeg vlak voor het bakken in met een scherpe schaar tot een knipbrood. Zet de schaar loodrecht op het deeg en knip een patroon naar wens aan de bovenkant.
Verwarm de oven voor op 225 graden en plaats een vuurvast bakje water in de oven voor stoomvorming en een lekkere korst. Let bij het openen van de ovendeur op de hete stoom.
Bak het brood eerst 5 minuten op 225 graden en zet de oven daarna terug op 200 graden Celsius en bak het daarna nog 25 minuten tot het deeg mooi bruin is. De totale baktijd is dus 30 minuten voor de grote vorm, de kleine bakvormen 5 minuten korter.
Wordt het deeg te donker, doe er dan de laatste 5 minuten aluminiumfolie over.
Laat het deeg volledig afkoelen op een rooster voor je het gaat aansnijden.
Geniet van een snee emmerbrood met bijvoorbeeld belegen kaas of een pittige bergkaas erop, heerlijk.

 

Paasbrood met gist, lang gerezen – bevat gluten

In vijf duidelijke bakstappen ontwikkelt zich dit rustieke gistbrood met rozijnen tot paasbroden met een aparte volle smaak, een heerlijke korst en een zachte kruim. De smaak en het uiterlijk lijkt wat op zuurdesembrood maar is wat zoeter doordat het gemaakt is met gist. Ik ben er dol op en wil dit graag aan mijn bloglezers doorgeven. De techniek om dit brood te maken wordt in Frankrijk veel gebruikt. Het deeg begint met een poolish, een nat deegstuk wat je de avond van tevoren al bereidt zonder te kneden. De twee eerste stappen is alleen roeren en mengen. Tussen elke bakstap is een lange rijs- en rusttijd waarin de smaak zich ontwikkelt. Het ietwat vochtige deeg wat bij de derde stap ontstaat moet je één keer rekken en vouwen.  Niet heel moeilijk maar wel precies de stappen opvolgen, dan komt het goed en er is een filmpje bij het recept. Het lichtbruine brood met een de vulling van noten en rozijnen is geschikt voor feestelijke dagen. Laat je vulling en anijs weg dan is het ook een fijn rustiek brood voor alledag. Geniet ervan!

paasbrood 2019

heerlijk paasbrood met gist gemaakt en lange rijstijden

Vijf bakstappen om het paasbrood te bereiden

  1. Begin de avond tevoren met het maken van de poolish: het slappe voordeeg gemaakt van meel, water en gist. Ik nam hiervoor een grote glazen kom en:
    250 volkorentarwemeel
    3 gram instantgist
    250 gram lauw water
    Roer deze ingrediënten kort door elkaar met een siliconen spatel  in een grote mengkom tot alles goed vermengd is. Plaats hier een bord bovenop om de poolish te beschermen tegen uitdrogen. Zet de poolish na de bereiding op een tochtvrije plek op kamertemperatuur. Laat dit 8 tot 12 uur ontwikkelen. De poolish wordt heel luchtig en groot en dit komt de smaak ten goede.
  2. In de ochtend erna voeg je toe aan de poolish:
    250 gram tarwebloem
    200 gram lauw water
    5 gram instantgist
    Roer alles kort goed door met de spatel, het blijft een dikke vloeibare massa. Laat dit 2 uur rijzen afgedekt met het bord bij kamertemperatuur. Vanaf nu duurt het ongeveer 4½ uur voor je broden klaar zijn als je het stappenplan volgt.
    Was de krenten en rozijnen en laat ze een paar minuten wellen in warm water voor stap 3 en droog ze daarna goed.
    Het is extra smakelijk om de noten licht te roosteren in een droge koekenpan.
  3. Nu voeg je toe aan het voordeeg van stap 2, in een flinke mengkom:
    250 gram tarwebloem
    13 gram bakkerszout
    4 eetlepels olijfolie/koolzaadolie
    3 theelepels citroensuiker
    2 theelepels gemalen anijszaad
    Vulling voeg je toe ná het rekken en vouwen:
    100 gram gewelde krenten en rozijnen
    50 gram noten, hazelnoten, cashewnoten en of amandelen.Meng alles goed door, behalve de vulling van noten en rozijnen, eerst in de mengkom en later op je werkblad. Het deeg is vrij slap en licht plakkerig. Kneed het deeg nu een tiental minuten tot het soepel is door het te rekken en te vouwen. Probeer geen extra bloem toe te voegen aan het deeg en als het deeg aan het werkblad plakt gebruik dan een deegschraper om het bij de grote deegbal te vegen. Trek het deeg steeds uit elkaar en laat ook de zwaartekracht het deeg weer in elkaar maken als je het terugvouwt na het rekken. Je merkt steeds beter dat er elastische glutenstrengen ontstaan. Zie dit filmpje van Richard Bertinet waarin hij dit moeiteloos voordoet maar hij is dan ook zeer ervaren.
    Kneed als laatste kort de vulling erdoor zodat deze goed verdeeld is over het deeg. Neem nu je allergrootste mengkom. Strooi  licht wat tarwebloem om het deeg heen en leg het deeg in de kom.
    Laat dit deeg nu weer 1 uur rijzen, afgedekt met een ruime dunne schone plastic zak.
  4. Kneed nu het deeg kort door, alleen de overtollige lucht eruit duwen. Je merkt nu dat het deeg minder plakkerig is geworden.
    Verdeel het in 3 gelijke stukken van ongeveer 475 gram per stuk.
    Bol de deegstukken stevig op door het in drieën te vouwen en nog eens dubbel te vouwen en maak er een ovaalvorm van, voor de eivorm van het paasbrood. Probeer de vulling niet te laten uitsteken om verbranden hiervan te voorkomen.
    Bebloem de deegbollen heel licht alleen aan de onderkant. Laat het deeg nu nogmaals 30 minuten rijzen op een bakplaat met bakpapier met een grote dunne schone plastic zak eromheen.
  5. Verwarm de oven 10 minuten voor op 200 graden Celsius en plaats een vuurvast schaaltje met water onder in de oven voor stoomvorming. Let op voor hete stoom bij het openen van de ovendeur.
    Bebloem de 3 paasbroden nu licht bovenop vóór het bakken met (rogge)bloem met behulp van een klein poedersuikerzeefje. Maak daarna een snede van ongeveer een centimeter diep midden over het deeg (zie foto) met een scherp kartelmesje.
    Bak de broden in ongeveer 25 minuten gaar en goudbruin en heerlijk geurend.
    Neem de paasbroden uit de oven en laat ze afkoelen op een taartrooster. Je kunt ze goed invriezen.
    Fijne paasdagen en veel bakplezier gewenst door Inostrate!Dit vind je misschien ook leuk:
    paaskip
    feestelijk roggebrood
    kerstbrood met vulling van amandelspijs
    Romeins brood voor alledag

Worstenbroodjes – bevat gluten

Carnaval staat voor de deur en allerlei voorbereidende feesten worden hier in het zuiden al volop gevierd zoals prinsenproclamaties en optredens van buutreedners die in een ton of op een kar grappige toespelingen maken op menselijke tekortkomingen. Een lekker hartig hapje past bij dit feest voordat straks weer de vastentijd begint. Vandaar dat ik nu eens worstenbroodjes plaats op mijn blog dasanderekoek. Natuurlijk zijn deze broodjes ook geschikt voor een ander feestje als je niet aan carnaval doet. Deze malse worstenbroodjes zijn gemaakt van een smaakvol gistdeeg van bloem en een kleine hoeveelheid roggemeel plus roomboter. Zo ontstaat een knapperig en stevig deegje wat je lang kunt laten rijzen in de nacht en in de ochtend kunt afmaken met de gehaktvulling. Het is veel minder vet dan bladerdeeg, je zou het een pastei en quichedeeg kunnen noemen en het is ook geschikt voor pizzabodems. Het rekenwerk heb ik al voor je gedaan zodat je mooie gelijke broodjes krijgt. Het gehakt voor de worstenbroodjes moet natuurlijk lekker pittig en smaakvol zijn, daarvoor staat er ook als extraatje een geurig specerijen- en kruidenmengsel voor gehakt bij de ingrediënten  zodat het echt dasanderekoek wordt.

worstenbroodjes

worstenbroodjes

Wat heb je nodig voor 8 worstenbroodjes?

70 gram roomboter op kamertemperatuur
270 gram tarwebloem
30 gram roggemeel
4 gram gedroogde gist
4 gram zout
90 gram lauwe halfvolle melk of water
1 ei
Pittige gehaktvulling:
400 gram halfom gehakt van een goede slager
1/2 ei
1 klein uitje of sjalot, fijngesneden
zout
1 eetlepel zelfgemaakte kruidenmengsel voor gehakt óf kruiden die je zelf lekker vindt
1 eetlepel paneermeel (fijngemalen sesamknäckebröd is erg lekker)
Afwerken van het deeg: ei om te bestrijken

Zelfgemaakte gehaktkruidenmengsel
: Kies alles gemalen en gedroogd:
3 theelepels nootmuskaat, 2 theelepels gemberpoeder, 2 theelepels witte peper, 2 theelepel paprikapoeder, 1 theelepel knoflookpoeder, 1 theelepel koriander,
1 theelepel tijm, 1 theelepel sumak.
Koop deze kruiden en specerijen goedkoop bij een Turkse of mediterrane supermarkt

De bereiding:

Meng de meelsoorten, de gist en het zout samen met een garde in een grote kom en maak in het midden een kuiltje. Voeg de lauwe melk/water toe plus de roomboter en het losgeklopte ei in het midden toe en meng vanaf de randen het meel erbij tot het een geheel is. Kneed het deeg daarna in ongeveer 5 minuten door tot het glad en soepel aanvoelt.
Laat het daarna rustig minstens 2 uur rijzen op kamertemperatuur of zelfs een nacht lang in de koelkast, ingepakt in een ruime plastic zak. Lang rijzen geeft meer smaak en je kunt in de ochtend dan meteen verder met het maken van de worstenbroodjes.
Maak ondertussen de gehaktvulling door gehakt, het kruidenmengsel, fijngeneden ui, ei en paneermeel goed te vermengen. Het moet lekker mals aanvoelen en makkelijk te vormen. Is het nog te droog doe er dan wat meer ei door. Verdeel het in hoopjes van 50 gram gehakt en maak er 8 centimeter lange worstjes van. Bewaar deze tot gebruik afgedekt in de koelkast.

Heb je het deeg de nacht in de koelkast bewaard laat het dan eerst 3 kwartier op kamertemperatuur komen. Verdeel het deeg in stukjes van 55 gram deeg.
Rol het deeg uit in 8 vierkantjes van 12 bij 10 cm. ( Of maak één grote lap van 36 bij 30 cm en verdeel deze in 8 stukjes maar dat vond ik niet zo makkelijk).
Het deeg is goed te hanteren en er hoeft nauwelijks bloem bij, hoogstens 1 theelepel bij het uitrollen.
Leg de worstjes in het midden van de deegplakjes, vouw eerst de korte kanten eromheen en rol dan het deeg om het worstje. Knijp alle naden goed dicht zodat de vulling er niet uitloopt. Leg de deegworstjes op een bakplaat met bakpapier.
Laat ze nog 30 minuten rijzen afgedekt met een grote plastic zak of schone doek. Verwarm de oven voor op 220 graden Celsius.

Bestrijk de broodjes voor het bakken met geklopt ei met een halve theelepel water voor een mooie glans en bak de worstenbroodjes goudbruin in 18 minuten.
Je kunt ze ook lichtbruin voorbakken (bijvoorbeeld 13 minuten en dan na het koelen invriezen  en kort afbakken in de oven tot goudbruin als je visite krijgt.
Alaaf!

Misschien vind je onderstaande recepten uit dasanderekoek ook leuk:
hartige piebroodjes voor Valentijn

hart.piebroodjes apart klein

hartige piebroodjes

kruidige boekweitwafels

carnavalswafels apart klein

boekweitwafels voor carnaval

amandelwafels met rozijnen

amandelwafels met rozijnen

amandelwafels met rozijnen

 

Kerstgebak en kerstbrood – bevat gluten

Voor de kerstdagen staan in dit blogbericht alle gepubliceerde recepten uit de categorie aparte koek van de afgelopen jaren uit dasanderekoek mooi op een rij. Nu kun je gemakkelijk kiezen uit een aantal smakelijke recepten voor feestelijk kerstbrood en kerstbroodjes of lekkere kerstkoekjes met bijzondere smaken. Alle blogbezoekers en trouwe volgers wens ik fijne kerstdagen en bedankt voor jullie aandacht!