Molenkoekjes – bevat gluten

Granen van de molen geperst in een mooi molenvormpje vormen de basis voor een vormvast koekdeeg met halfom volkorenmeel en tarwebloem. Het knapperige molenkoekje hiervan gemaakt, heeft veel smaak door twee smaaksuikers, donkere basterdsuiker en speculaaskruiden.  Ik was al langer op zoek naar een uitsteekvormpje voor een molen maar vond geen geschikte. Molenwieken zijn vaak te dun en breken snel af bij het uitsteken van deeg. Dit koekvormpje van Patisse is prima. Neem voor de molenkoekjes een goed volkorenmeel van de plaatselijke molen, versgemalen en je weet precies wat erin zit. Volkorenmeel uit de supermarkt is namelijk niet meer dan bloem met toegevoegde zemelen en bevat weinig voedingsstoffen. Volkorenmeel is een term die helaas niet voldoende beschermd wordt door de warenwet, het behoort eigenlijk een meel te zijn dat de hele graankorrel bevat zonder uitzevingen. Op deze website  van broodsmakelijk.nl waar ze uitgebreid allerlei meelsoorten hebben getest lees je meer hierover en  adressen van molenwinkels vind je hier.

Wat heb je nodig voor 34 molenkoekjes?

85 gram roomboter
85 gram donkere basterdsuiker
15 gram vanillesuiker
15 gram sinaasappelsuiker
1 ei
130 gram tarwevolkorenmeel
130 gram tarwebloem
2 gram bakpoeder
1 gram zout
1/4 theelepel speculaaskruiden

De bereiding:

Mix de roomboter, gewoon uit de koelkast, goed met de suikers tot een romig geheel, voeg dan het ei toe en meng dit erdoor. Meng de meelsoorten, bakpoeder, het zout en de speculaaskruiden erbij en mix dit in een paar minuten tot een soepel stevig geheel.
Is het warm, koel dan het deeg nog even een half uurtje, maar in de winter kun je meteen gaan uitrollen.
Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Rol het deeg daarna uit tot een plak van 1/2 centimeter dikte en steek de molentjes met het molenvormpje uit. Je kunt een heel klein beetje bloem onder de deegplak doen en het vormpje af en toe licht bebloemen of schoonborstelen als je de koekjes uitsteekt want er gaan altijd wat deegrestjes tussen de dunne wieken zitten. De dikte van 1/2 centimeter is belangrijk zodat het molenvormpje er goed uitkomt en het koekje smakelijk  is. (Je kunt natuurlijk ook andere koekvormpjes hiervoor gebruiken, het is een goed uit te steken deeg wat goed nogmaals uitrolbaar is en niet plakkerig is.)
Bak de koekjes gaar en bruin in ongeveer 10-12 minuten, afhankelijk van de dikte van deeg, ze zijn dan aan de onderkant bruiner dan bovenop en ruiken heerlijk.
Bak er een paar voor de molenaar!

Advertenties

Haverkoek met appel en banaan – glutenvrij

Een heerlijke kruidkoek zonder boter met een subtiele banaangeur heb ik deze keer bedacht. Nu het nog winter is, smaken kruidkoeken met hun volle smaak goed en geven ze energie bijvoorbeeld na een wandeling of na het sporten. Deze glutenvrije havermoutkoek blijft heerlijk mals door de banaan, yoghurt en eieren. Deze keer is er geen fiberhusk in verwerkt omdat de binding door deze ingrediënten al goed is. Voor een kruidkoek bevat de koek in verhouding weinig suiker maar de smaak is er volop door de frisse vulling van appel en banaan en door de koekkruiden en de citroensuiker. In deze stevige koek zit uitsluitend haver en wel in twee vormen: havermout en havermeel. Dit geeft veel gezonde vezels en een nootachtige smaak aan de koek. Bovenop is de haverkoek versierd met extra havermout, pitten en wat grove suiker voor een mooi uiterlijk. Gebruik in dit recept glutenvrije meelsoorten en bakpoeder met het glutenvrije logo en een fijne glutenvrije havermout die geschikt is voor pap. Onderaan het recept staan nog extra receptentips voor carnaval en Valentijnsdag.

havermkoek appel banaan glu kl

glutenvrije haverkoek met appel en banaan

Wat heb je nodig voor de glutenvrije haverkoek met appel en banaan?

75 gram fijne glutenvrije havermout (AH vrij van gluten)
100 gram havermeel
8 gram bakpoeder
80 gram kristalsuiker
10 gram citroensuiker
1 theelepel / 2 gram koekkruiden
1 gram zout
2 eieren geklopt
50 gram sojayoghurt óf Griekse yoghurt als je lactose kunt verdragen
vulling:
2 appels / 250 gram in dunne smalle stukjes
1 geprakte banaan, / 110 gram
1 theelepel citroensap tegen het bruinkleuren
garnering:
havermout en groene pompoenpitten
15 gram grove suiker

Vet een springvorm met een doorsnede van 20 centimeter in met wat olie en bekleed deze met bakpapier.
Maak eerst de vulling door de appels te schillen en in dunne reepjes te snijden. Druppel hier wat citroensap over en doe alles in een kleine mengkom. Prak de banaan fijn op een plat bord en meng dit met de appels. Zet even apart.
Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Meng de havermout en het havermeel met het bakpoeder, de suikers , de koekkruiden en het zout in een grotere mengkom met een garde.
Klop de eieren even los met de yoghurt in een kleine mengkom en voeg deze toe aan de meelmassa. Roer alles goed door elkaar met garde of siliconen spatel.
Schep als alles goed is gemengd de vulling van appels en banaan erdoor en meng dit weer goed door elkaar. Vul hiermee de springvorm en strijk het deeg glad.
Strooi hierover de havermout, de pitten en de grove suiker voor een krokante bovenkant.
Bak de havermoutkoek in 45 minuten gaar en bruin bij 175 graden Celsius. Controleer de gaarheid met een sateprikker, als deze er schoon uitkomt is de koek gaar.
Als de koek een tiental minuten is afgekoeld haal je hem uit de vorm. Laat hem goed afkoelen voordat je hem gaat snijden.


Dit is misschien ook leuk in deze tijd: harde wafels en exotische vruchtenwafels

kersentaart glu 2 klein

glutenvrije kersentaart

of glutenvrije kersentaart voor Valentijn en glutenvrije Valentijnbroodjes

valentijnbroodjes glu kl

glutenvrije valentijnbroodjes met kaas

Oude wijvenkoek – bevat gluten

Deze oude wijvenkoek of “olwievm” is een mooie herinnering aan Groningen. Bij mijn schoonmoeder kregen we deze heerlijke verfijnde koek met lichte anijssmaak altijd bij de koffie en als we weer naar Limburg vertrokken namen we vaak een paar koeken mee van de plaatselijke bakker. Vooral de variant met een paar rozijnen erin was onze favoriet. De oude wijvenkoek kreeg zijn naam door haar zachte structuur zodat tandeloze olle wieven dit makkelijk konden kauwen. De koek is gemaakt van een mengsel van roggebloem en tarwebloem. Roggebloem is gezeefd roggemeel, wit van kleur en bevat geen vezels of kiem meer van de roggekorrel maar wel de aardse smaak. Dit meel geeft dus een lichtere structuur aan brood en koek dan roggemeel. Toen ik een recept zocht voor deze koek kwam ik terecht op de aardige website van Nederlands dis. Het recept wat ik hier vond, heb ik verder uitgewerkt en er zuurdesem aan toegevoegd om de smaak en de vertering te verhogen. Juist bij roggemeel en roggebloem werkt zuurdesem heel goed als rijsmiddel omdat rogge geen of nauwelijks gluten bevat. Het deeg, nog zonder kruiden, suikers of rijsmiddel moet voor het bakken 3 uur rusten. Als je geen zuurdesem hebt, kun je het gewoon weglaten, het dient hier vooral als extra smaakmaker. Typisch voor olwievm is dat hij bovenop bestrooid is met bloem  wat een mooi contrast  geeft met de bruine kleur van de koek en een besneeuwd uiterlijk.  Vroeger werd de oude wijvenkoek in het Noorden ook gegeten met Nieuwjaar volgens het Groninger woordenboek van K. ter Laan.

oude wijven ap kl

Groninger oude wijvenkoek met anijszaad gekruid

Wat heb je nodig voor de oude wijvenkoek / olwievm?
125 gram tarwebloem
125 gram roggebloem
25 gram zuurdesem van tarwemeel
225 gram lauwe rooibosthee met specerijen

na 3 uur rusten van dit deeg het volgende toevoegen:
5 gram bakpoeder
125 gram ruwe rietsuiker of lichte basterdsuiker
1 eetlepel / 6 gram gemalen anijszaad
1 theelepel / 2 gram koekkruiden
1 gram zout
1 ei
50 gram keukenstroop (Zeeuwsche boerin)
25 gram rozijnen
om te bepoederen bovenop:
5 tot 10 gram tarwebloem

De bereiding:
Maak eerst het voordeeg:
Weeg en zeef de roggebloem en de tarwebloem tesamen in een grote mengkom. Voeg hieraan de zuurdesem toe en al goed roerend met een siliconen spatel of mixer de lauwe thee. Roer alles heel glad tot een stevig deeg en dek af met een bord of plastic zak. Door de toevoeging van ei en keukenstroop is het deeg straks op precies de goede dikte, dit voordeeg is nog steviger.
Zet dit voordeeg gedurende 3 uur op een warme plaats bijvoorbeeld op de verwarming.

Ondertussen kun je de andere ingredienten verzamelen en het anijszaad vijzelen. Als je dit zelf vijzelt krijg je een veel betere smaak. Gemalen anijszaad verliest vrij snel het aroma. Anijszaad koop je voordelig in een toko of mediterrane supermarkt en is ook lekker in broodrecepten en in bijvoorbeeld in deze bietensoep! Vet een cakeblik met wat olie in en bekleed dit met 2 repen bakpapier zodat de koek straks mooi uit het blik komt.
Meng in een andere ruime kom de afgewogen droge ingredienten: het bakpoeder, de suiker, anijszaad, de koekkruiden en het zout.
Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Na drie uur rusten meng je de droge ingredienten bij het voordeeg met en spatel of mixer. Daarna voeg je het losgeklopte ei en de keukenstroop samen toe en als laatste de rozijnen en meng alles heel goed door elkaar tot een glad beslag wat dik vloeibaar is.
Vul hiermee het met papier beklede cakeblik (dit is ruim voor de helft gevuld) en bepoeder de bovenkant van de cake met tarwebloem. Dit gaat het beste met een poedersuikerstrooier of klein zeefje. Veeg de randen van het cakeblik even schoon en plaats dan de koek in de oven.
Laat de oude wijvenkoek ongeveer 60 minuten bakken bij 175 graden Celsius.
Controleer op het einde van de baktijd of de olwievm gaar is, prik erin met een satehprikker, als die er schoon uitkomt is het goed. Ook kun je kijken naar de kleur, die moet mooi donkerbruin zijn en de anijsgeur moet ook sterk aanwezig zijn. Mocht de oude wijvenkoek nog wat langer in je oven moeten bakken, bedek haar dan na een uur met aluminiumfolie tegen verbranden.

Laat de koek goed afkoelen en bewaar hem in een goed afgesloten koekblik of in aluminiumfolie. Hoewel je meteen zin krijgt om de oude wijvenkoek op te eten zijn kruidkoeken na 2 dagen nog veel lekkerder doordat alle smaken goed zijn ingetrokken. Dus nog even geduld oefenen, je krijgt dan een lekker plakje olwievm. Moi!

Misschien vind je dit ook leuk: boekweitwafels , amandelwafels en Valentijnbroodjes

Vierkante glutenvrije maisbroodjes

Aan het begin van het nieuwe jaar heb ik goede voornemens om nieuwe glutenvrije broodsoorten te gaan maken met meelsoorten zoals gierst en quinoameel en nog een nieuw recept voor een glutenvrij zuurdesembrood te maken. Hopelijk blijven jullie met plezier kijken en bakken met hulp van mijn blog dasanderekoek. Om bescheiden te beginnen maken we eerst nog een klein vierkant plat broodje wat lekker knapperig is en ook makkelijk op te piepen is in de broodrooster. Er zit in verhouding veel mais in het glutenvrije meelmengsel waardoor het broodje mooi geel wordt en een knapperige korst krijgt. Deze glutenvrije gistbroodjes, deze keer gebakken zonder bakpoeder en daardoor wat platter, worden met de hand gemaakt en zien er mooi uit door de ruitvorm en de insnijding bovenin. Omdat ik een liefhebber ben van zaadjes in brood, deed ik in deze broodjes komijnzaad die een subtiel kruidig en aards karakter eraan geven. Wil je meer lezen over glutenvrije meelmeelsoorten klik dan hier, wil je meer tips voor glutenvrij broodbakken klik dan hier.

vierk. maisbrdjes glu kl

knapperige glutenvrije maisbroodjes

Wat heb je nodig voor 12 vierkante glutenvrije maisbroodjes?

80 gram maismeel
50 gram havermeel
70 gram volkoren rijstmeel
50 gram tapioca
7 gram fiberhusk
5 gram instant gistkorrels
10 gram lichte basterdsuiker
10 gram sinaasappelsuiker
1 theelepel komijnzaadjes, eventueel gevijzeld voor meer aroma
4 gram bakkerszout
180 gram lauwwarm water
1 geklopt ei – M
1 eetlepel neutrale olijfolie

De bereiding:

Zoek alle ingrediënten bij elkaar en weeg ze af. Bekleed een bakplaat met bakpapier. Weeg en zeef alle meelsoorten in een grote mengkom samen.
Voeg dan de fiberhusk, gistkorrels, basterdsuiker, het zout, de suikers en de zaadjes toe en meng alles goed met een garde. Voeg dan al goed roerende het water toe, het geklopte ei en de olie. Op het laatst roer je met een siliconen spatel tot het een glad deeg is.
Laat het deeg nu vijf minuten afgedekt rusten en verder opstijven.
Strooi dun wat maismeel op je werkblad en leg het deeg hierop. Druk het deeg daarna met licht vochtige handen uit tot een vierkante lap van 15 bij 20 centimeter, zorg dat de bovenkant glad blijft en gelijkmatig van dikte, met vochtige vingers moet dit lukken. Snij er 12 vierkante stukjes van 3 bij 4 centimeter uit. Snij hierin oppervlakkig  een ruitvorm, ik deed dit met een koekjesvorm maar het kan ook met een scherp mesje. Niet te diep insnijden, zeker niet tot de bodem.
Laat het deeg nu een uur afgedekt met een ruime, schone, dunne plastic zak rijzen op een warme plek.
Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius. Plaats een vuurvast schaaltje met water in de oven voor stoomvorming. Let op bij het openen van de oven voor de hete stoom. Door de stoom krijg je een lekkere korst, verdeelt de warmte zich beter in de oven plus het deeg droogt minder uit.
Bak de broodjes in 14 minuten gaar en goudbruin, ze rijzen ook verder in de oven.
De maisbroodjes zijn heerlijk met hartig beleg of bij een (Hongaarse goulash)soep.

Plaatkoek van Nietzsche – bevat gluten

Deze lekkere plaatkoek is geïnspireerd door de filosofiecursus bij Rubico over het boek Ecce homo (vertaling: zie de mens) van de filosoof Friedrich Nietzsche. In dit boek, wat niet een normale maar een filosofische autobiografie is, stileert Nietzsche zijn leven in een wederom heel bijzondere schrijfstijl en typeert ook zijn eigen tijd: de fin de siecle. Hij gebruikt hierbij volop overdrijving en metaforen zoals een hedendaagse kritische columnist dit ook doet; Nietzsche was zijn tijd ver vooruit. Als culinair blogster met als hobby filosofie heb ik een autobiografie van een plaatkoek gemaakt om zijn schrijfstijl te parafraseren. Lees en geniet.

Waarom ik zo lekker ben
Het geluk van mijn bestaan als plaatkoek ligt in het noodlot ervan: oud worden zal ik niet want ik ben geboren om te worden opgegeten.
Ik ben niet in elkaar geflanst en zit complex in elkaar. Aan de oppervlakte zie je een laagje van zoete kruimels, daaronder een zachte laag confituur en onderop een bodem van stevig deeg, gekruid met koekkruiden.
Ik maakte van mijn wil om lekker te zijn, om gegeten te willen worden, mijn filosofie…
Bij mijn bereiding moet je tegenslagen omzetten in voordelen: als het mislukt maak je iets nieuws, iets beters.
Neem tot je wat goed voelt. Je proeft tussendoor alle goede en zelfs kleine dingen zoals anderen ze niet gemakkelijk zouden kunnen proeven. Ook slechte dingen die zich aandienen proef je. Je trek in mij houdt op wanneer de grens van wat je goed bekomt, wordt overschreden. Je moet de grootte van je maag kennen. Deel me bedachtzaam met anderen door te kiezen, door toe te laten, door te vertrouwen. Ik ben geen voedsel waarvan onreinen mee zouden mogen eten.
Er zijn geen gelijke plaatkoeken, alle koeken zijn anders. Kies verschillende soorten confituur als tussenlaag en varieer bijvoorbeeld met de bovenlaag door meer havermout te kiezen in plaats van kokosmeel.
Verwar mij niet met dasandere filosofische koek zoals bijvoorbeeld de botjes van Socrates, Sappho’s roze koeken of de gifkoekjes voor Seneca.
Ik ben een plaatkoek – geen decadent gebak, vanuit de optiek van een bakker zelfs het tegendeel. Een bakker die mij geruime tijd gebakken heeft, zei uiteindelijk: “Nee! aan je ingrediënten ligt het niet als je mislukt, ikzelf ben degene die slordig is.” Mijn bewijs hiervoor is, onder andere, dat hoe vaker je me bakt – bij elke wederkeer – hoe smakelijker en verfijnder ik word omdat na een lange reeks van jaren je instinctief de juiste ingrediënten kiest.
Zwijgers zijn dyspeptisch, iets inslikken lijdt noodzakelijkerwijs tot een slecht karakter. Maar ik ben niet slecht voor de maag en het ontgaat me volledig in hoeverre ik “zondig” zou zijn – iedere diëtiste met een vrije geest zal dit toegeven. Gewetenswroeging bij het eten van mij lijkt me niet achtenswaardig. Eet mij met een vulling van een pot confituur om van een zure geschiedenis af te komen. Ook slechte dingen die zich aandienen slik je.
Voor de bereiding moet je eerst alle verborgen vuil op de bodem verwijderen wat walging opwekt, – reinig de bakplaat dus hygiënisch alvorens je gaat bakken.
Waaraan herkent men het geslaagd zijn van de plaatkoek? Als het de zinnen van de toeschouwer prettig aandoet, – dat de koek hard, zacht en geurig tegelijk is.
Eet mij op eenzame hoogte bij de bron van lust.
Ik heb mijzelf zojuist beschreven.

Zie de plaatkoek  

plaatkoek Nietzsche kl fil

zie de plaatkoek van Nietzsche met veel gelaagdheid

 

Plaatkoek van Nietzsche

Wat vergaar je instinctief?

200 gram tarwebloem
en 50 gram maismeel polentakwaliteit
7 gram bakpoeder
115 gram lichte basterdsuiker
10 gram citroensuiker
1 gram zout
1 theelepel koekkruiden
100 gram roomboter in blokjes
1 losgeklopt ei

Hoe wordt de koek tot wat hij is?

Van deze ingrediënten een kruimelig deeg maken door eerst in een mengkom het gezeefde meel, de koekkruiden en het zout plus de suikers te mengen met een garde. Meng hierdoor de roomboter in blokjes snel met de hand.  Op het laatst deze kruimelige samenhang afmaken door het ei toe te voegen en zo een samenhangende massa te creëren. Dan niet langer doorkneden maar uitrollen met een deegrol tot de grootte van de bakplaat.
Neem een kleine bakplaat of leg het op de helft van een grote bakplaat met bakpapier (ongeveer 22 bij 30 centimeter in het vierkant). Bekleed de bakplaat met bakpapier. Druk de  koekdeeglaag gelijkmatig en evenwichtig uit over de bakplaat en prik het deeg met een vorm overal in.

Hoe verkrijg je de gelaagdheid?

300 gram abrikozenconfituur of 3/4 pot abrikozenconfituur met een theelepel kokend water vermengen tot een gemakkelijk smeerbare massa en deze over het deeg verdelen als middelste laag.

Daarna de extra complexe kruimellaag:

20 gram geraspte kokos
35 gram havermout papvlokken
25 gram tarwebloem
¼ theelepel kaneel
snufje zout
30 gram roomboter
30 gram kristalsuiker
10 gram/1 theelepel keukenstroop óf golden syrup
Meng hiervoor in een kleine mengkom de kokos, havermout en bloem, zout plus kaneel goed door elkaar. Voeg dan in zeer kleine blokjes de roomboter toe plus de suiker en meng dit snel met je vingers in vegende bewegingen tot een kruimelige massa. Voeg als laatste roerend de stroop toe, deze zorgt ervoor dat er goede kruimeltjes ontstaan. Strooi deze kruimels goed verdeeld over de laag confituur.

Hoe bak ik mezelf?

Verwarm de oven onverbiddelijk voor op 175 graden Celsius.
Daarna ongeveer 20 minuten bakken bij 175 C° tot ik borrel en bruin wordt.
Neem me uit de oven en laat me nog 10 minuten in de vorm of op de bakplaat staan. Plaats me daarna op een rooster om uit te dampen. Snij me in 20 vierkante stukjes als ik ben afgekoeld.

© Inostrate 2017

Ander authentiek Nietzsche-gebak met een leuke tekst vind je ook op dit blog: in de tagwolk aan de rechterzijde kies je Nietzsche om meteen alles op een rij te zien en te lezen.

Oliebollen uit de oven – bevat gluten

Bij de overgang van Oud- naar Nieuwjaar wordt in Nederland vaak een oliebol  gegeten bij het wensen van voorspoed en gezondheid. Mij bevallen gefrituurde gerechten niet goed en daarom ging ik aan de slag met een variatie uit de oven waarbij je de oliebollen bakt in een muffinvorm. Deze frisse luchtige bolletjes liggen niet zwaar op de maag en je keuken geurt heerlijk tijdens en na het bakken. Ook de samenstelling van het meel is verantwoord, er zit volkorenmeel in. Door de geraspte appel en de kwark in het deeg wordt het deeg lekker fris en mals. Als je ook niet wil frituren is dit een uitstekende oliebol uit de oven. Warm zijn ze heerlijk maar ze smaken ook lekker als ze koud zijn, bijvoorbeeld bij de koffie of lunch. Alvast een goede roetsj naar het nieuwe jaar gewenst!

ovenbollen-kl-ap

oliebollen uit de oven

Wat heb je nodig voor 12 oliebollen uit de oven?

125 gram volkorentarwemeel (zonder de grove vezels)
125 gram bloem
4 gram instant gistkorrels
5 gram zout
1/2 theelepel kaneel
50 gram halfvolle kwark
12 gram of 1 eetlepel neutrale (olijf)olie
230 gram warm water
1 eetlepel citroensuiker
vulling:
75 gram geraspte appel
enkele druppels citroensap tegen het verkleuren
40 gram rozijnen
25 gram gewelde abrikozen
10 gram sukade

De bereiding:

Alle ingrediënten moeten op kamertemperatuur zijn om het beslag goed te laten rijzen.Was de rozijnen en laat ze een paar minuten wellen in heet water, ze houden dan beter hun vorm in het beslag. Droog ze daarna goed. Snij de abrikozen in kleine stukjes. Rasp de appel en besprenkel dit met wat citroensap.

Zeef de bloem en het meel samen, ik heb er de grove vezels van het volkorenmeel uitgelaten voor een fijner resultaat.
Neem eerst een mengkom en en garde en meng hierin meel, bloem, gist, zout, kaneel, citroensuiker, kwark en olijfolie en en voeg als laatste het warme water toe. Roer verder met een spatel tot een stevig en glad beslag en voeg als laatste de vulling toe. Roer dit goed door elkaar.
Zet de beslagkom afgedekt met een dunne plastic zak weg op een warme en tochtvrije plek en laat dit een uur rijzen.

Vet vlak voor het bakken een muffinvorm heel goed in met ruim olie. Leg een rond stukje bakpapier op de bodem van elk muffinholte zodat je ovenbollen makkelijk uit de vorm komen, het beslag plakt en bakt anders in de vorm.
Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius.

Het beslag is nu lekker luchtig en je hoeft het niet door te scheppen. Kijk wel of de vulling goed verdeeld is over de bolletjes. Leg nu netjes in elke muffinholte 2 eetlepels deeg, je kunt hiervoor een ijsbolletjestang nemen. De holtes moeten voor 2/3 gevuld zijn. Bak de ovenbollen in 15 minuten gaar en lichtbruin. Open de oven na 10 minuten even om overtollige damp even te verwijderen. Let op voor hete stoom.

Eet de ovenbollen liefst vers en warm maar oppiepen in de magnetron kan ook en bestrooi ze met poedersuiker.
Een goed uiteinde van 2018 en een gezond en gelukkig Nieuwjaar met veel bakplezier!

Ook leuk om te bekijken: kerstbrood met amandelspijs

 

 

Decemberbroodjes – glutenvrij

December is de maand van volle smaken en luxe gerechten en baksels. Naast kerstbrood zullen deze glutenvrije demberbroodjes je goed bevallen bij de broodmaaltijd met de komende feestdagen. Ze zijn lichtzoet van smaak, heerlijk luchtig en hebben een smakelijke vulling van appel en gedroogd fruit die het broodje mals maken. Je kunt de decemberbroodjes eten bij de kerstmaaltijd maar ze zijn ook lekker als een oliebolletje uit de oven met oud en nieuw. Dit broodje bevat quinoameel, dit is een wat luxe en duurdere meelsoort met een volle romige smaak. Naast quinoameel zit er rijst- en maismeel in dit meelmengsel. Andere smaakmakers zijn citroensuiker en koek-of speculaaskruiden waarmee je dit broodje van eigen deeg weer extra lekker maakt.
Veel bakplezier gewenst deze maand en kijk ook eens naar de glutenvrije recepten voor kerst in de tagwolk of in de receptenindex van dasanderekoek van afgelopen jaren, bijvoorbeeld de pepernotenbroodjes en het kerstbrood met desem en gist.

decemberbr glu kl

glutenvrije decemberbroodjes, ook geschikt als oliebolletje uit de oven

Wat heb je nodig voor 12 glutenvrije decemberbroodjes?

100 gram quinoameel
75 gram maismeel – polentakwaliteit
75 gram rijstemeel
4 gram gedroogde instantgist
4 gram bakpoeder
4 gram fiberhusk
5 gram (bakkers)zout
30 gram citroensuiker
1/2 theelepel koek- of speculaaskruiden
12 gram neutrale olijfolie
230 (lactosevrije) melk
1 ei (M)
olie om in te vetten
vulling:
75 gram geraspte appel
25 gram gewelde abrikozen
10 gram sukade
garnering: 
poedersuiker

De bereiding:

Vet eerst een muffinvorm heel goed in met olijfolie, ook als deze anti-aanbak is. Leg dan een stukje bakpapier onderin elke holte zodat je straks de broodjes heel uit de vorm kunt krijgen. Het beslag plakt anders namelijk erg aan de bodem.
Maak eerst de vulling voor de broodjes. Rasp de appel zonder schil en sprenkel er wat citroensap over tegen het bruin kleuren. Wel de rozijnen kort in heet water of thee en droog ze weer. Knip of snij de abrikozen in kleine stukjess. Meng appel, rozijnen, abrikozenstukjes en sukade goed door elkaar en zet even apart.
Neem voor het beslag de meelsoorten en zeef en meng ze door elkaar in een mengkom. Voeg dan de gistpoeder, bakpoeder, fiberhusk, zout, citroensuiker en kaneel al roerend met een garde toe en meng goed.
Verwarm de melk tot lauwwarm.Neem een kleine kom en meng hierin het ei, de olie en de melk. Giet dit daarna al roerend met een siliconen spatel bij het meelmengsel.
Voeg hieraan de vulling toe als laatste en roer alles goed door elkaar.

Vul met dit dikke gladde beslag alle 12 muffinvormpjes tot 2/3 vol.
Laat het beslag rijzen op een warme plek, omhuld met een ruime dunne, schone plastic zak.
Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius.
Bak de glutenvrije decemberbolletjes bruin en gaar in 17 tot 18 minuten. Haal ze voorzichtig los uit de vorm en gebruik hiervoor eventueel een dun mesje om ze los te snijden van de wand. Verwijder het bakpapiertje.
Ze zijn het lekkerst als ze warm gegeten worden, met wat poedersuiker bestrooid. Invriezen en oppiepen in de magnetron kan prima.

Hele fijne feestdagen gewenst en veel bakplezier deze maand!
Misschien ook met:  kerstkransjes of kerstkoekjes met gember 

glu kerstkransen kl

glutenvrije kerstkransjes

kerstkoekjes glutenvrij klein

glutenvrije kerstkoekjes