Tagarchief: boekweit

Pinksterbloembrood – bevat gluten

Dit kruidige en malse gevulde brood met een knapperige korst is zeer geschikt voor de pinksterdagen. Het is gemaakt in een margrietvorm en toevallig bloeiden er margrietjes in de berm dus die staan op de foto erbij. Pinksterbloemen waren net uitgebloeid…
Langzaam rijzen
De bijzondere manier waarop het brood is gemaakt gebeurt met een lange rijstijd die Ineke Berentschot in haar prachtige boek Nachtbrood beschrijft. Je maakt in de avond het deeg en laat het daarna rusten in de nacht. In de ochtend erna vorm je het brood en laat het nog een keer goed rijzen. Door de langzame rijs heeft het brood veel meer smaak gekregen door fermentatie of voorvertering en hier hoef je niet veel extra moeite voor te doen. Het is een beginsstadium van zuurdesembrood.
De broodvariatie die ik heb gemaakt is glutenarm (gluten is een soort plakmiddel waarvoor sommigen allergisch zijn) door de meelsoorten boekweit en haver, veel kneden is onnodig. Het deeg is daardoor slapper maar blijft heerlijk mals. De tarwebloem bevat wel gluten. Alle meelsoorten zijn verkrijgbaar in de supermarkt.
Boekweitmeel geeft een lichter bakresultaat, daarom heb ik er donkere basterdsuiker in verwerkt voor een mooie kleur van het brood.
De broodvulling bestaat uit krenten en pompoenpitten en er zit een vleug koekkruiden en citroensuiker in zodat het een feestelijk brood is voor Pinksteren.

pinksterbloembrood

pinksterbloembrood

Wat heb je nodig voor het pinksterbloembrood?

75 gram havermout
100 gram boekweitmeel
350 gram tarwebloem
7 gram gedroogde gist
2 eetlepels citroensuiker
1 theelepel koekkruiden
15 gram donkere basterdsuiker
9 gram zout
20 gram neutrale olijfolie
330 gram lauw water
30 gram pompoenpitten
50 gram krenten
garnering:
1/2 geklopt ei
2 eetlepels pompoenpitten
1 theelepel sesamzaadjes
2 eetlepels havermout

De bereiding met een voorbeeld van een tijdschema:

Begin bijvoorbeeld om 20.00 uur in de avond.
Meng boekweitmeel en tarwebloem, havermout, gist, citroensuiker en basterdsuiker plus het zout en de koekkruiden door elkaar in een ruime mengkom. Voeg dan de olie en het lauwwarme water toe en meng dit met de deeghaken van je mixer of keukenmachine. Het is een vrij vochtig en kleverig deeg wat steviger wordt na het rijzen.
Voeg na een paar minuten, als alles goed is gemengd, de krenten en pompoenpitten toe en meng deze er doorheen. Bestrooi het deeg met een theelepel bloem. Neem een grote plastic zak en plaats de mengkom erin. Warmte en vocht blijven zo behouden.

De volgende ochtend, bijvoorbeeld  om 8.30 uur, neem je een deegschraper en schraap je het deeg uit de kom. Het deeg ruikt heerlijk fruitig. Strooi er licht wat bloem omheen en druk het deeg zachtjes wat plat met je vingers en vouw het daarna op tot een rol met de deegschraper zodat je geen vieze handen krijgt, het deeg is plakkerig. Kneden hoeft niet, alleen een rol of een slakkenhuis maken en vouwen. Strooi alleen wat bloem aan de buitenkant van de deegbal om te kunnen vormen.
Doe dit een paar keer en maak er daarna een bol van door er zachtjes tegen te duwen met je handpalmen, niet te hard en niet doorkneden. Er moet spanning op het deeg staan zodat de vorm beter erin  blijft. Leg deze bol op een bakplaat met bakpapier.
Neem de deegschraper en maak er een bloembrood of margriet van door de randen een eind in te snijden tot 8 bloemblaadjes. Doe er weer een grote plastic zak overheen met ruimte om te rijzen.

Ongeveer rond 10 uur, 1 tot 2 uur later, is het deeg voldoende  gerezen en verwarm je de oven voor op 200 graden Celsius. Zet een vuurvast schaaltje water in de oven voor stoomvorming en een goede warmteverdeling. De broodkorst wordt hierdoor lekkerder. Let op voor hete stoom bij het openen van de oven.
Bestrijk het deeg met los geklopt ei en versier de bloem met de pompoenpitten en sesamzaadjes in het midden en havermout op de blaadjes of naar eigen idee.
Bak het brood bruin en gaar in 30 – 35 minuten. Het is gaar als het hol klinkt als je er aan de onderkant op klopt en het lekker ruikt.

Na het afkoelen op een rooster kun je het pinksterbloembrood in taartpunten snijden als een driekantig broodje.
Fijne pinksterdagen!

Boekweitkoekjes met zelfgemaakte koekkruiden – bevat gluten

Deze koekjes zijn leuk om uit te delen bij een kaartclub. Je kunt erbij  vertellen dat er boekweitmeel in zit en dat ze zijn gekruid met kaneel en kardemom en vanille.
Boekweitmeel is een glutenvrije meelsoort en is vooral bekend in pannenkoekrecepten. Speltbloem bevat wel gluten. Spelt is een graansoort die vanaf de Middeleeuwen voor brood werd gebruikt voordat tarwe populairder werd. Spelt bevat iets meer vezels dan tarwe maar verder is de voedingswaarde gelijk. Het wordt vaak biologisch geteeld. Gecombineerd met specerijen geeft het aan koekjes een volle aardse smaak.
Dit koekjesdeeg is een soepel te hanteren deeg en geschikt om uit te steken zonder koeling van te voren.
Je kunt zelf een koekkruidenmengsel maken met het recept wat onderaan op deze pagina staat.
Kijk ook eens naar mijn recept voor de lekkere Japanse boekweitkoekjes die wat lichter van kleur zijn.

Wat heb je nodig voor 20 stuks?

kruidige boekweitkoekjes

kruidige boekweitkoekjes

100 gram boekweitmeel
100 gram speltbloem
5 gram bakpoeder
1/4 theelepel zout
75 gram donkere basterdsuiker
5 gram vanillesuiker
65 gram plantenmargarine
1/2 ei (bewaar de rest)
1 eetlepel koekkruiden
2 eetlepels sinaasappelsap

voor garnering:
1/2 ei
grove suiker

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Weeg en zeef de meelsoorten en de bakpoeder samen. Voeg het zout en de suikers toe en meng dit samen. Snij de koude margarine in blokjes en voeg dit toe samen met het ei, de kruiden. Meng alles tot het kruimelig is en voeg dan beetje voor beetje het sap toe tot het een samenhangend deeg is.
Rol dit uit met en deegrol tot een 1/2 cm. dikte. Voeg een klein beetje bloem toe als het deeg plakt. Steek de koekjes uit het deeg met een uitsteekvorm van speelkaartfiguren en leg ze op een bakplaat die bekleed is met bakpapier.
Klop het halve ei een beetje los en bestrijk er de koekjes mee. Garneer de koekjes met enkele lepels grove suiker.
Bak de boekweitkoekjes in ongeveer 12 minuten gaar, als de koekjes lekker ruiken en de baktijd om is kun je ze uit de oven halen.

Zelf koekkruiden maken kan van de volgende mengeling:
4 eetlepels kaneel
12 kardemompeulen ontdoen van de peulenschil en de zaadjes fijn vijzelen in een vijzel; als je de peulen eerst kort roostert in een koekenpan is het eindresultaat nog beter.
1 eetlepel gemberpoeder
1/4 theelepel kruidnagel
1/4 theelepel nootmuskaat
Bewaar het in een klein goed afgesloten potje met een (zelfgemaakt) etiket erop.
Dit mengsel is ook lekker in appeltaart of in Zweedse kaneelbroodjes.