Tagarchief: carnaval

Worstenbroodjes – bevat gluten

Carnaval staat voor de deur en allerlei voorbereidende feesten worden hier in het zuiden al volop gevierd zoals prinsenproclamaties en optredens van buutreedners die in een ton of op een kar grappige toespelingen maken op menselijke tekortkomingen. Een lekker hartig hapje past bij dit feest voordat straks weer de vastentijd begint. Vandaar dat ik nu eens worstenbroodjes plaats op mijn blog dasanderekoek. Natuurlijk zijn deze broodjes ook geschikt voor een ander feestje als je niet aan carnaval doet. Deze malse worstenbroodjes zijn gemaakt van een smaakvol gistdeeg van bloem en een kleine hoeveelheid roggemeel plus roomboter. Zo ontstaat een knapperig en stevig deegje wat je lang kunt laten rijzen in de nacht en in de ochtend kunt afmaken met de gehaktvulling. Het is veel minder vet dan bladerdeeg, je zou het een pastei en quichedeeg kunnen noemen en het is ook geschikt voor pizzabodems. Het rekenwerk heb ik al voor je gedaan zodat je mooie gelijke broodjes krijgt. Het gehakt voor de worstenbroodjes moet natuurlijk lekker pittig en smaakvol zijn, daarvoor staat er ook als extraatje een geurig specerijen- en kruidenmengsel voor gehakt bij de ingrediënten  zodat het echt dasanderekoek wordt.

worstenbroodjes

worstenbroodjes

Wat heb je nodig voor 8 worstenbroodjes?

70 gram roomboter op kamertemperatuur
270 gram tarwebloem
30 gram roggemeel
4 gram gedroogde gist
4 gram zout
90 gram lauwe halfvolle melk of water
1 ei
Pittige gehaktvulling:
400 gram halfom gehakt van een goede slager
1/2 ei
1 klein uitje of sjalot, fijngesneden
zout
1 eetlepel zelfgemaakte kruidenmengsel voor gehakt óf kruiden die je zelf lekker vindt
1 eetlepel paneermeel (fijngemalen sesamknäckebröd is erg lekker)
Afwerken van het deeg: ei om te bestrijken

Zelfgemaakte gehaktkruidenmengsel
: Kies alles gemalen en gedroogd:
3 theelepels nootmuskaat, 2 theelepels gemberpoeder, 2 theelepels witte peper, 2 theelepel paprikapoeder, 1 theelepel knoflookpoeder, 1 theelepel koriander,
1 theelepel tijm, 1 theelepel sumak.
Koop deze kruiden en specerijen goedkoop bij een Turkse of mediterrane supermarkt

De bereiding:

Meng de meelsoorten, de gist en het zout samen met een garde in een grote kom en maak in het midden een kuiltje. Voeg de lauwe melk/water toe plus de roomboter en het losgeklopte ei in het midden toe en meng vanaf de randen het meel erbij tot het een geheel is. Kneed het deeg daarna in ongeveer 5 minuten door tot het glad en soepel aanvoelt.
Laat het daarna rustig minstens 2 uur rijzen op kamertemperatuur of zelfs een nacht lang in de koelkast, ingepakt in een ruime plastic zak. Lang rijzen geeft meer smaak en je kunt in de ochtend dan meteen verder met het maken van de worstenbroodjes.
Maak ondertussen de gehaktvulling door gehakt, het kruidenmengsel, fijngeneden ui, ei en paneermeel goed te vermengen. Het moet lekker mals aanvoelen en makkelijk te vormen. Is het nog te droog doe er dan wat meer ei door. Verdeel het in hoopjes van 50 gram gehakt en maak er 8 centimeter lange worstjes van. Bewaar deze tot gebruik afgedekt in de koelkast.

Heb je het deeg de nacht in de koelkast bewaard laat het dan eerst 3 kwartier op kamertemperatuur komen. Verdeel het deeg in stukjes van 55 gram deeg.
Rol het deeg uit in 8 vierkantjes van 12 bij 10 cm. ( Of maak één grote lap van 36 bij 30 cm en verdeel deze in 8 stukjes maar dat vond ik niet zo makkelijk).
Het deeg is goed te hanteren en er hoeft nauwelijks bloem bij, hoogstens 1 theelepel bij het uitrollen.
Leg de worstjes in het midden van de deegplakjes, vouw eerst de korte kanten eromheen en rol dan het deeg om het worstje. Knijp alle naden goed dicht zodat de vulling er niet uitloopt. Leg de deegworstjes op een bakplaat met bakpapier.
Laat ze nog 30 minuten rijzen afgedekt met een grote plastic zak of schone doek. Verwarm de oven voor op 220 graden Celsius.

Bestrijk de broodjes voor het bakken met geklopt ei met een halve theelepel water voor een mooie glans en bak de worstenbroodjes goudbruin in 18 minuten.
Je kunt ze ook lichtbruin voorbakken (bijvoorbeeld 13 minuten en dan na het koelen invriezen  en kort afbakken in de oven tot goudbruin als je visite krijgt.
Alaaf!

Misschien vind je onderstaande recepten uit dasanderekoek ook leuk:
hartige piebroodjes voor Valentijn

hart.piebroodjes apart klein

hartige piebroodjes

kruidige boekweitwafels

carnavalswafels apart klein

boekweitwafels voor carnaval

amandelwafels met rozijnen

amandelwafels met rozijnen

amandelwafels met rozijnen

 

Gevulde koeken – bevat gluten

Een gevulde koek die niet al te vet of zoet is en toch heel erg lekker, dat was mijn doel om te maken. Rond de kerstdagen was ik aan het experimenteren met amandelspijs maken en deze koeken kwamen toen tevoorschijn. Het licht zoete deeg lijkt op een deeg voor scones. Het bevat niet veel vet en is eenvoudig te hanteren en te maken. De vulling van van deze koeken bestaat uit honing en amandelmeel en geeft de koek het zoete accent. De volle smaak ervan en de bloemvorm maakt deze gevulde koek een aparte traktatie. De koeken zijn niet zo groot zodat het caloriegehalte per stuk ook weer meevalt. Leuk om te proberen voor de carnavalsdagen of in de voorjaarsvakantie.

gevulde-koeken-kl-ap

deze gevulde koeken met amandelspijs liggen niet zwaar op je maag

Wat heb je nodig voor 20 gevulde koeken?

60 gram roomboter of plantaardige margarine
55 gram kristalsuiker
5 gram citroensuiker
mespunt zout
250 gram tarwebloem
8 gram bakpoeder
1 ei
1 eidooier
2-3 eetlepels Griekse yoghurt of zure room
amandelspijsvulling:
100 gram gemalen amandelen
5 gram vanillesuiker of citroensuiker
100 gram vloeibare honing
garnering:
enkele lepels losgeklopt ei
2 eetlepels greinsuiker of sesamzaadjes

De bereiding:

Begin met de amandelspijs. Rooster het amandelmeel een paar minuten heel licht in een droge koekenpan op zacht vuur tot het begint te kleuren. Blijf erbij en laat het niet aanbranden. De smaak is dan veel lekkerder dan zo uit de verpakking.
Doe het amandelmeel in een kom en vermeng het met de zachte, vloeibare honing en de smaaksuiker. Roer alles goed door elkaar en laat het afkoelen tot een stevige massa. Maak er dan porties van 10 gram van en rol deze met je handen tot balletjes. Leg ze op een bord en laat ze koelen en stevig worden.

amandelspijs-kl-ap

amandelspijsballetjes


Roer de boter met de suikers in een mengkom luchtig. Meng het zout met de bloem en de bakpoeder samen en zeef het boven het boter-suikermengsel. Werk het losjes door elkaar en voeg dan het ei, de dooier en de yoghurt toe.
Kneed het eerst in de kom en daarna op je werkblad tot een soepel deeg. Het moet makkelijk te hanteren zijn. Kneed het niet langer dan noodzakelijk. Maak er een rol van en verdeel het deeg met een deegsteker of mes in 20 gelijke stukjes. Bol ieder stukje deeg goed op en druk ze daarna gelijkmatig plat met je hand of met de deegrol.
Leg in het midden van elk deeglapje een balletje amandelspijs en vouw het deeg om de spijs heen. Knijp de naad goed dicht.
Bekleed je bakblik met bakpapier en verwarm de oven voor op 170 graden Celsius.
Leg de balletjes deeg met de naad naar beneden op het bakblik. Druk het met je vlakke hand of rol het met een deegroller voorzichtig plat, zorg ervoor dat de ronde vorm behouden blijft. Snij het koekje nu met een mes in vieren tot bijna in het midden. Door het bakken komen de stukjes weer bijeen en vormen ze een bloem.
Bestrijk elk koekje nu met wat losgeklopt ei en bestrooi met greinsuiker of zaadjes naar wens.
Bak de gevulde koeken in ongeveer 14 minuten op 170 graden goudbruin en gaar.

Laat ze na het bakken afkoelen op een rooster. Deze koeken kunnen ook goed worden bewaard in de vriezer voor een onverwachte visite.

Dit vind je misschien ook leuk:

Knapkoek
Boekweitwafels voor carnaval
Amandelwafels met rozijnen
Lebkuchen

Kruidige boekweitwafels – bevat gluten

Met allerlei feesten worden in Zuid Nederland en België nog steeds veel wafels gebakken. Speciaal voor komende carnaval heb ik een recept voor wafels met boekweitmeel gemaakt om mijn bloglezers uit die streken een plezier te doen en bloglezers uit noordelijker contreien er eens mee kennis te laten maken. Het is een lichte en kruidige versie  van een wafel geworden met het steeds populairder wordende boekweitmeel. Boekweit is een pseudograan, heeft geen aren zoals tarwe en is afkomstig uit de duizendknoopfamilie. Het bevat geen gluten maar wel veel voedingsstoffen zoals eiwit en voedingsvezels. Door de mengeling met speltmeel en tarwebloem is het een smakelijke en gezonde wafel geworden. De boekweitwafels zijn kruidig van smaak, niet alleen door het boekweitmeel maar ook door de koekkruiden. Ze zijn superluchtig door bakpoeder, geklopt eiwit en natriumbicarbonaat. Het rijsmiddel natriumbicarbonaat werkt goed bij het zure sinaasappelsap en de (soja)yoghurt die erin zitten. Doordat de wafel weinig vet bevat is hij licht verteerbaar.

boekweitwafels voor carnaval

boekweitwafels voor carnaval

Wat heb je nodig voor 24 kruidige carnavalswafels?

150 gram volkorenspeltmeel of -tarwemeel
100 gram boekweitmeel
125 gram tarwebloem
1 theelepel/2 gram bakpoeder
1/2 theelepel natriumbicarbonaat
1 theelepel zout
2 theelepels koekkruiden
2 eieren, gesplitst
25 gram neutrale olie
30 gram lichte basterdsuiker
250 gram/cc sinaasappelsap
250 gram/cc (soja)yoghurt

Bereiding:

Meng en zeef de meelsoorten en het bakpoeder, het zout en natriumbicarbonaat en koekkruiden in een grote mengkom.
Splits de eieren. Meng de dooiers met de olie. Voeg de dooiers met olie toe aan het meelmengsel.
Klop de eiwitten stijf in een schone kom met de basterdsuiker. Dit kan het snelste met een mixer of keukenmachine. Zet de eiwitten nog even apart.
Voeg het sinaasappelsap en de yoghurt bij het meelmengsel en meng goed. Schep dan het stijfgeklopte eiwit luchtig door het beslag met een rubber spatel en verdeel het goed.

Het wafelijzer voorverwarmen en licht met olie invetten bij elke wafel, dit is afhankelijk van je wafelijzer. Er zit weinig vet in het beslag en misschien bakt het aan.
Bedek het hete oppervlak voor 2/3 met het beslag en klap het ijzer dicht.
Bak de wafels in ongeveer 2 tot 3 minuten gaar en goudbruin. Ze bevatten boekweitmeel waardoor ze iets lichter blijven dan bij wafels met tarwebloem.
Vers eten is het lekkerst maar je kunt ze warm houden in een oven bij 100 graden Celsius of op een groot bord boven op een pan met kokend water op het fornuis.

Lekker met poedersuiker, fruit of met halfzoete jam of compote of zonder zoetigheid erop als een tussendoortje met carnaval of een ander feest.

Wafelhartjes met appel – glutenvrij

Valentijnsdag en het carnavalsfeest vallen in 2015 samen en dit kan nu gevierd worden met  hartvormige wafeltjes. Leuk om te maken en makkelijk uit te delen. Verwacht je veel visite, maak dan het dubbele recept want ze zijn snel op. Niemand zal proeven dat er geen gluten in zit. De zachte  wafeltjes zijn licht zoet en smaken kruidig door de citroen en kaneel en zijn heel gemakkelijk en snel te maken.  Door de geraspte appel en de rozijnen in het beslag zijn ze fris en sappig. De glutenvrije meelmengeling bevat boekweit en mais zodat de kleur mooi licht is en tapioca voor een goede binding van het beslag. Kies de meelsoorten en het bakpoeder glutenvrij.

glutenvrije wafeltjes met appel

glutenvrije wafeltjes met appel

Wat heb je nodig voor 25 wafelhartjes of vijf keer bakken?

70 gram plantenmargarine
25 gram tapioca
75 gram maismeel
75 gram boekweitmeel
1 theelepel/4 gram bakpoeder
1/4 theelepel zout
1/4 theelepel kaneel
10 gram citroensuiker
70 gram kristalsuiker
2 eieren
50 gram (soja)yoghurt
100 gram geraspte appel
1 theelepel citroensap
25 gram rozijnen

De bereiding:

Smelt de plantenmargarine in een steelpan. Schil een appel en rasp hem grof. Druppel er citroensap over om verkleuren tegen te gaan. Zet dit even apart.
Was en week de rozijnen.
Weeg de meelsoorten af en zeef en meng dit samen met het bakpoeder, zout, de kaneel en suiker en de citroensuiker.
Voeg daarna de gesmolten margarine toe, de eieren en de (soja)yoghurt en meng dit goed door elkaar. Voeg er als laatste de geraspte appel en de rozijnen aan toe en meng deze erdoor tot een smeuïg beslag.

Verwarm het wafelijzer voor en vet het licht in met neutrale olie.

Als het ijzer heet is, vul het dan met een pollepel voor 2/3 met het beslag.
Als de stoomafvoer vermindert, na ongeveer 3 minuten op de middenstand, kijk je voorzichtig of de wafels goudbruin zijn.
Neem ze met een wafelvork uit het wafelijzer en leg ze op een taartrooster om af te koelen.
Wil je ze warm eten, dan kun je ze warm houden op een bord boven een pan met kokend water of in een ovenschaal in de oven bij 100 graden Celsius.

De hartjeswafels smaken goed met wat poedersuiker of met (halfzoete) jam of compote.
Invriezen en daarna oppiepen in de magnetron kan ook prima.