Tagarchief: minder boter

Kersentaart met amandelmeel – bevat gluten

Naast appeltaart is kersentaart bij ons thuis favoriet. Deze sappige lichtzoete kersentaart is heerlijk door het amandelmeel dat erin zit samen met de frisse kersen. Hij is gemaakt van een cakedeeg met weinig boter en blijft mals en luchtig door de romige Griekse yoghurt. Qua smaak lijkt hij op een ricottataart die ik onlangs in Italië heb geproefd, licht en fris en ook gelijkend op amandelspijs. De kleurige combinatie van de rode kersen met de groene pistaches is apart maar je kunt ook garneren met stukjes amandelen als variatie. Voor een extra amandelgeur voegde ik een paar druppeltjes amandelessence toe als geheim ingrediënt waardoor de taart onweerstaanbaar wordt.

kersentaart-ap-kl

frisse kersencake met amandelmeel en Griekse yoghurt

Wat heb je nodig voor deze kleurige kersentaart?

100 gram zachte roomboter
90 gram kristalsuiker
10 gram sinaasappelsuiker
2 druppels amandelessence (dr. Oetker)
50 gram amandelmeel
155 gram tarwebloem
snuf zout
8 gram bakpoeder
2 eieren
150 gram Griekse yoghurt 10%vet
vulling:
1 pot goed uitgelekte pitloze kersen (700 gram inhoud)
1 eetlepel tarwebloem
garnering:
25 gram pistaches
2 eetlepels greinsuiker

De voorbereiding:
Zorg dat alle ingrediënten op kamertemperatuur zijn,  vooral roomboter, de eieren en de yoghurt. Haal ze dus een uurtje van tevoren uit de koelkast.
Meng en zeef de bloem samen met het amandelmeel, het zout en het bakpoeder in een aparte kom. Druppel de de amandelessence op dit meelmengsel.
Lek de kersen heel goed uit in een vergiet en dep ze hierna goed droog en droog de vergietbodem met keukenpapier. Bestrooi ze hierna met een eetlepel tarwebloem om ze extra droog te maken. Zo blijven de kersen straks goed verdeeld over het deeg.
Vet een springvorm in van 20 centimeter doorsnede en bekleed de bodem met een cirkel van bakpapier
Hak de pistaches kleiner en vermeng ze met de greinsuiker in een kommetje. Zet even apart
De bereiding:
Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Roer de roomboter met de suiker en en sinaasappelsuiker romig en luchtig met de mixer. Voeg hier een voor een de eieren aan toe. Voeg aan het natte mengsel het meelmengsel toe in twee delen. Voeg daarna de yoghurt toe. Het deeg moet zo stevig zijn dat het net van de lepel afvalt.
Schep daarna de kersen door het deeg. Verdeel hierover de pistaches met de greinsuiker.
Bak de taart in 45 minuten gaar en bruin. Neem hem daarna voorzichtig uit de oven en plaats hem op een taartrooster. Laat de taart nog 5 minuten in de springvorm afkoelen en daarna kun je hem makkelijk losmaken.
Geniet van deze zomerse kersentaart met een kopje Engelse thee met citroenverbena, citroenmelisse of munt erin.

Misschien vind je dit ook leuk: rabarbertaart met amandelcake

rabarberamandelcake

rabarberamandelcake

of  met gistdeeg:   kersenkruimelvlaai

kersenkruimelvlaai-ap-kl

kersenkruimelvlaai met aparte kruimels

Advertenties

Anna’s appelvlaai met speltmeel – bevat gluten

Dit appelvlaairecept is een ode aan mijn moeder die mij de kunst van het bakken heeft bijgebracht. Deze vlaai van koekdeeg maakten we vaak samen. Dit deeg noemen we nu shortbread., snel gebakken zoet koekdeeg. Het is heerlijke appeltaart op een wat hoge temperatuur gebakken met een gare vulling. Mijn moeders recept heb ik gemoderniseerd door er wat andere meelsoorten in te doen en cranberry’s te nemen in plaats van rozijnen in de vulling. De garnering maakte ik van koekharten en pijnboompitten bovenop de open vlaaivorm.
Mijn moeders vlaai was dicht, met een deksel van deeg, en zij gebruikte een gewone vlaaivorm. Ze keerde de vlaai om na het bakken met twee roostertjes, een kunst waar we ontzag voor hadden.  Nu zijn er  ideale vlaaibakvormen met een losse bodem zodat je de vulling kunt zien en je deze kunst niet meer hoeft toe te passen.

Wat heb je nodig voor Anna’s appelvlaai?

300 gram speltbloem
50 gram gezeefd speltvolkorenmeel         anna's appelvlaai apart
50 gram amandelmeel
10 gram bakpoeder
1 gram zout
175 gram fijne kristalsuiker
15 gram citroensuiker
125 gr. plantenmargarine of roomboter
1 ei
3-4 eetlepels water of (lactosevrije) melk
amandel- of paneermeel
vulling:
5 dikke appels
25 gram suiker
10 gram citroensuiker
10 gram custardpoeder
30 gram cranberries
2 eetlepels pijnboompitten
garnering:
10 gram plantenmargarine
10 gram grove suiker

De bereiding:

Maak eerst de vulling door de appels te schillen. Verdeel daarna de appels in parten en daarna in kleine blokjes.
Was de appelstukjes en kook ze vijf minuten in een steelpan met aanhangend water net niet gaar.
Voeg de suiker en citroensuiker en cranberries toe en bind alle aanhangende vocht met custardpoeder (of aardappelmeel) dat met een paar lepels water vermengd is. De vulling moet de dikte van een stevige compote hebben.
Laat dit nu afkoelen.

Voor het deeg zeef je de meelsoorten, het zout en het bakpoeder samen. Verwijder de grove zemelen van het speltvolkorenmeel, persoonlijk vind ik dit een fijner deeg opleveren. De zemelen kun je bewaren voor in een brood bijvoorbeeld.
Meng de meelmassa en de suikers samen met de roomboter of margarine. Meng dit tot een kruimelige massa. Voeg dan het ei en het water/melk toe tot een goede samenhang. Laat het deeg even afgedekt een half uurtje koelen en opstijven.
Vet ondertussen een vlaaivorm royaal in met margarine. Ik koos een vlaaivorm met een uitneembare bodem, doorsnede 28 cm. Leg onderin de vorm een rond vel bakpapier om de vlaai makkelijker te lossen en een metalen bijsmaak door de zure vulling te voorkomen als de vlaai wat langer wordt bewaard. Daags erna is de vlaai namelijk ook erg lekker, hij is dan wat smeuïger.

Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius.
Neem 2/3 van het deeg en rol die uit tot een doorsnede van ruim 30 centimeter. Je kunt het bij het uitrollen en omdraaien steeds licht met bloem bestrooien tegen het plakken. Klap het deeg dubbel over de deegrol en leg het deeg in de vlaaivorm. Een andere methode is om het deeg uit de rollen op bakpapier en zo over te brengen in de vorm door het eraf te laten glijden. Prik er met een vork gaatjes in en strooi een dun laagje paneermeel of amandelmeel op de bodem om hem krokant te houden.
Verdeel de vulling over de bodem. Strooi er pijnboompitten over.
Maak van de rest van het deeg kleine koekjes en maak een leuk patroon op de vlaai.
Smelt wat plantenmargarine en bestrijk de deegfiguurtjes dun met gesmolten margarine.
Strooi hierover wat grove suiker.

Bak de appelvlaai in 15-16 minuten gaar en lichtbruin.
Laat hem nog 10 minuten in de vorm afkoelen en haal hem dan voorzichtig uit de vorm, de randjes eerst even losmaken met een mesje. Laat de vlaai verder afkoelen op een rooster, de bodemplaat kun je er ook onder laten zitten. Als er wat bakpapier onderin ligt zal er geen metaalsmaak aan het deeg ontstaan..
Het resterende deeg kun je invriezen of je maakt er koekjes of kleine vlaaitjes van.
Geniet ervan met familie en vrienden.