Tagarchief: Plato

Eropemmai, amandelkoeken van Plato – bevat gluten

Symposion toespraak van Gulzigoros over de liefdeskoeken: eropemmai

In het Symposion van Plato, dat zich afspeelt in de vierde eeuw BC in Athene, prijzen de gasten tijdens een drinkgelag in veel variaties Eros, de Griekse god van de liefde. De volgende toespraak werd helaas niet meer herinnerd maar de tekst ervan is gelukkig recent herontdekt. Gulzigoros blijkt de spreker te zijn, bekend in Athene vanwege zijn gebrek aan matigheid. Waarschijnlijk is dit de reden dat Plato deze toespraak niet heeft opgenomen in het Symposion.

…. Gulzigoros neemt het woord na Eryximachos: Voordat ik begin moet ik nog even aan de eerbiedwaardige arts Eryximachos mededelen dat zijn recept tegen het boeren, waarvan ik veel last heb…burp… nog niet geholpen heeft. Het kostte teveel inspanning om alles precies op te volgen… Ik kies voor een andere invalshoek voor mijn toespraak over de god Eros, die geheel afwijkt van die van de vorige spreker.
Bezing me de banketten, Muze, met goudbruine broden en zachtzoete koeken op de welgevulde tafels. De god Eros is op vele dingen gericht, in het bijzonder ook op wat er op aarde wordt gemaakt. Vooral wat uit de ovens komt van de bakkers die hun ambacht uitoefenen met veel kennis. Dat besef heeft mijn vriendje, de jonge bakker Makaron met zijn mooie gezicht, me bijgebracht en hij heeft er heel veel verstand van, hij is door Eros geraakt. Zijn liefde voor de bakkunst maakt dat ik nu heel goed in mijn vel zit (klopt op zijn buik en boert weer). Hij heeft ook heerlijke amandelkoeken voor mij gemaakt die ik eropemmai, gebak van Eros, genoemd heb en waar ik óók niet van kan afblijven, hahaha. Ik heb ze meegenomen om te laten proeven. De liefdesgod zorgt hierbij voor een onweerstaanbaar verlangen naar iets wat voortreffelijk ruikt als het uit de oven komt en wat verrukkelijk aanvoelt in de mond. De dichteres Sappho beschrijft treffend het genot van een heerlijke roze koek in haar gedicht, wat mij betovert als ik het hoor:
Hij lijkt mij voor de goden gemaakt te zijn,
de roze koek die tegenover mij op tafel ligt
en van dichtbij ruik ik hoe hij zachtzoet geurt
naar bijenhoning…

Door Eros beroerd, verlangt de mens naar de bevrediging door gebak en dit wordt voorafgegaan door het watertanden, al bij de gedachte hieraan. Gebak kan eenvoudig zijn en smaakvol zoals brood. Maar een verleidelijke koek die er mooi uitziet en een zinnelijk effect geeft in je mond, schenkt het meeste genot. De lust hiernaar móét worden ingewilligd en je wil steeds méér …burp… De drang naar het eten van eropemmai is het grootst in gezelschap met iemand die je liefde kan geven, dit kan man, vrouw of knaap zijn. Tijdens het aanliggen aan de dis kijk je in elkaars ogen en wordt de smaak van de koek en het gevoel in je mond ervan opperbest. Dit wordt allemaal door de god van de liefde geleid. De onderlinge genegenheid tussen de tafelgenoten wordt vergroot, de vriendschap neemt toe, Eros beroert de ander. Men geeft elkaar zelfs stukjes koek in de mond…burp…hahaha.
Gebak en goudbruin brood worden hoog gewaardeerd en horen bij allerlei feestelijkheden. Bij offerandes worden zij gebruikt om de goden gunstig te stemmen. Eros wordt zo geprezen  voor het genot dat hij ons geeft en dan vooral voor het eten van de amandelkoek die mij zoveel voldoening geeft, o, die eropemmai… Volgens mij moet ik nu echt even uitbuiken …burp… ik geeft het woord nu aan Sokrates, die vast nog wat prikkelende vragen heeft over deze toespraak. Hij kijkt al wat bedenkelijk….

© Plato, lang vermiste deel van Symposion, herontdekt in 2021 door Inostrate, Skinnos

Erotoph, koekjes voor bij het Symposion van Plato

Het bijpassende recept van de eropemmai, gemaakt door de bakker Makaron rond 411 BC, is gereconstrueerd en bewerkt naar moderne ingrediënten door culinair filosofe Inostrate
  
 Wat heb je nodig om eropemmai te maken?


75 gram kristalsuiker
10 gram vanillesuiker
100 gram amandelmeel,  kort en heel licht geroosterd in een koekenpan
100 gram gezeefde tarwebloem
4 gram bakpoeder
1 gram zout
115 gram roomboter in kleine blokjes

De bereiding moet plaatsvinden met veel liefde:

Rooster het amandelmeel licht in een droge koekenpan voor meer smaak. Laat even afkoelen op een bord en meng het daarna met de gezeefde bloem en het bakpoeder in een grote mengkom. Voeg de suikers en het zout toe.
Snij de boter in kleine blokjes en meng dit bij het meel-suikermengsel.  Meng alles nu met de hand vlot door elkaar en kneed door. Als het een egale massa is dan maak je er een rol van met een doorsnede van 2 centimeter.
Laat de rol even opstijven op een koele plek gedurende een half uur. Snij daarna plakjes van 1 centimeter breedte. Probeer de plakjes rond te houden door de rol geregeld te draaien als hij vierkant wordt.
Bekleed een bakplaat met bakpapier. Vlij de eropemmai op de bakplaat.

Bak de eropemmai in 13-14 minuten tot ze lichtbruin worden aan de randen en lekker ruiken. Let op, de koeken kunnen aan de onderkant verbranden door het tere amandelmeel, controleer dit aan het einde van de baktijd en blijf erbij. Haal ze voorzichtig van de bakplaat, ze zijn nog slap en breekbaar en laat ze afkoelen op het bakpapier op een rooster. Dan zijn ze heerlijk bros geworden en een feest in de mond.

Klik hier voor : Sapfo’s roze koek

Klik hier voor: De Makaron van Plato

Advertentie

Offerhaantjes bij de Politeia van Plato

Komische dialoog tussen de wachter Politeios, de bakker Gerstekoekos en zijn vrouw Sjantippe geschreven door Inostrate.

In de Rubicocursus denken we dit voorjaar, via Zoom, na over kunst met Plato als filosoof. We lezen samen in zijn boek de Politeia (de Staat of de Republiek) over de literaire en muzikale opvoeding van de wachters. Wachters zijn in de stadstaat Athene van de 5e eeuw BC de rechters, politici en handhavers van de rechtstaat, zij zijn weer verantwoordelijk voor de opvoeding van de inwoners en moeten zich voorbeeldig kunnen gedragen. De opleiding van deze wachters is erg belangrijk, vooral na de achterliggende periode van oorlog en incompetentie van bestuurders. Plato richt hiervoor een school op in Athene, de Academie met artistieke en literaire opvoeding, het gehele cultuurdomein van de muzen. Zijn invloedrijke boek de Politeia is de basis voor de kunstfilosofie, het begrip mimesis of nabootsing staat in ieder kunstfilosofieboek wat nadien is geschreven.
In de Politeia voert Socrates met enkele vrienden een theoretisch en kritisch debat, in dialoogvorm. Zij discussiëren over welke delen van de geschriften van Homerus, met name de Ilias over de Trojaanse oorlog, geschikt zijn bij de opvoeding van de wachters. Alleen verheffende stukken worden in deze exercitie aanbevolen en geen stukken met overspel, ruzies of ander discutabel gedrag. Ook bespreken ze de muziek die werd uitgevoerd tijdens het voordragen van teksten van Homerus en die diende als belangrijke ondersteuning van de presentatie. Bepaalde toonsoorten en toonladders hebben een hogere waarde dan andere. In de klassieke tijd is het kunstideaal verfijnd, ontwikkeld en bezonnen.


In de volgende klucht, geschreven door voordrachtskunstenares Inostrate, zie je een goed opgevoede en welsprekende  wachter tegenover een onverschillige bakker. De klucht speelt zich af in de stadstaat  Athene rond 400 BC. Er is een opstootje ontstaan bij een bakkerskraam en in het gedrang bestaat gevaar voor gewonden. Meteen als hij er van hoort gaat wachter Politeios er naar toe
. Kooplustigen verdringen zich rond bakker Gerstekoekos, die met zijn slonzige vrouw Sjantippe achter een tafel met gerstebroodjes staat.

De dikke zwetende bakker Gerstekoekos schreeuwt:
Komt dat zien, komt dat zien, vers brood te koop, komt dat zien! Kost bijna niks en het is zo lekker dat je je tengels erbij opeet!

Sjantippe speelt een vals week wijsje op een dubbelfluit om meer aandacht te trekken en roept dan: Sla nu je slag voor ze allemaal zijn verkocht! De gerstebroodjes zijn zo goedkoop, koop dr maar een heleboel. En nog een en nog een en nog een!

Gerstekoekos: Je krijgt d’r geen genoeg van. Flink doorete allemaal en kope die hap!

Mensen verdrukken elkaar en er valt een kind op de grond wat hard gaat huilen.
Politeios: pakt het kind op, zet het op een veilige plek neer en zegt op kalme toon:
Ik ben wachter Politeios  Wat is je naam, beste bakker, en mag ik informeren wat deze drukte betekent?

Gerstekoekos: Ach man, wat nou weer? Ik ben Gerstekoekos, een arme bakker. En dan komt d‘r weer ’n wachter om de boel in de gate houe. Heb je nou niks beters te doen man, ga dieve vange! Je ken van mij broodjes krijge voor nop als je nou doorloopt.

Politeios: Beste bakker, ik laat me als wachter niet omkopen. Het opstootje voor je kraam zorgt voor verstoring van de orde in deze stad, mensen lopen elkaar hier onder de voet. Wat ben je precies aan het doen hier?

Gerstekoekos: Gewoon m’n werk, gerstebrood verkope wat ik vanmorgen heb gebakke. ‘t is goedkoop en d’r komen ‘n hoop mense op af.

Politeios: Maar hoe kan het dan, bakker Gerstekoekos, dat je brood zo laag geprijsd is, het kost bijna niks zo te zien!

Gerstekoekos: Nou eh, dat kwam eigenlijk zo, eh, nou ja, door een ongelukkie met de gerst, die is op straat van me kar gevalle middenin de geitenkeutels. Mèhmèhèhhèhèh Hij bootst een geit na. Sjantippe barst uit in schril gelach en piest bijna in haar broek.
Daar heb ik dan toch maar broodjes van gebakke en d’r ’n handeltje van gemaakt , je mot toch wat, je ken het toch niet weggooie, daar zoue de goden ook van gaan klage!

Sjantippe komt met een deegrol achter haar man staan en zegt:
Als je nou niet snel effe doorloopt en ons met rust laat dan ken je een klap krijge met dit ding!

Politeios maakt zich nog groter dan hij al is en laat zijn spieren zien:
Rustig dame, u bedreigt en belemmert een wachter in functie. Mijn taak is het de orde te handhaven en onze stadstaat Athene te behoeden tegen ondeugdelijke praktijken.

Gerstekoekos: Ja maar me klante wille me goedkope  brood kope en dat bied ik ze an, en ze kome d’r op af as vliegen op stront. ZZZZZZZ. hij bootst vliegengebrom na en de omstanders gieren het uit

Politeios: Ik kan helemaal niet lachen om zulke onwaardige praatjes, bakkertje, hou nu je mond en luister. Zo kun je niet doorgaan, je klanten worden langzaam maar zeker vergiftigd met je smerige praktijken. Kijk eens naar je handen, vol met deegresten, die kunnen zeker een schoonmaakbeurt gebruiken. Voor je opruiende verkoopmethode en je viezigheid geef ik je een boete. Bak 15 offerkoeken van vers en schoon meel in de vorm van een haan voor de god Asklepios en lever deze in bij zijn tempel. De gemeenschap zal er wel bij varen.
Kom mensen, nu allemaal doorlopen naar huis.

Gerstekoekos: Kijkt eerst verongelijkt maar ziet dan in dat tegensputteren geen zin heeft
Bij Zeus, mijn stommiteit heeft me op een ondeugdelijk pad gezet, m’n handel zal beter worre as ik deugdelijk brood ga bakke, dan kome me klanten tenminste weerom. Ik ga mooie offerkoekjes make en breng ze met Sjantippe naar de tempel van Asklepios.
Sjantippe speelt op haar fluit een week klaaglied…..

schaal met offerhaantjes bij de Politeia

Wat zijn de wetten voor de bereiding van de 15 offerhaantjes?

235 gram tarwebloem
15 gram gerstemeel of havermeel
75 gram zachte crèmehoning
50 gram olijfolie
1/4 theelepel zout
1 theelepel gevijzeld anijszaad
2/3 losgeklopt ei
2 eetlepels water op kamertemperatuur
om te bestrijken: 1/3 losgeklopt ei

De bereiding:

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Zeef de bloem en het meel plus het zout in een mengkom.
Voeg de honing, de olie plus het anijszaad toe en meng tot kleine korrels.
Voeg dan het ei toe, kneed kort en daarna lepelsgewijs het water tot het een soepel deeg wordt. Kneed dit kort door.
Neem een deegrol en rol het deeg op een bebloemd werkblad uit tot een gelijkmatige dikte van ruim 1/2 centimeter. Voeg eventueel een weinig bloem toe om plakken te voorkomen.
Neem een koeksteker van een haan en steek 15 koekjes uit het deeg. Je zult het deeg een paar keer opnieuw moeten uitrollen maar dat gaat prima met dit soepel deeg. Leg de uitgestoken koeken op een bakplaat bekleed met bakpapier.
Bestrijk de koeken met de rest van het ei voor een mooie glans en kleur.
Maak een gaatje voor het oog van de haan met een satehprikker.
Bak de offerhaantjes mooi gaar en bruin en lekker naar anijs geurend in 14 tot 16 minuten, afhankelijk van de dikte. Laat ze afkoelen op een draadrooster.
Breng ze naar de tempel van Asklepios onder begeleiding van harmonieus fluitspel.

offerhaantjes bij de Politeia







Makaron, Socratisch gebak – bevat gluten

MAKARON, een dialoog in de stijl van Plato, tussen de Griekse filosoof Sokrates en de bakker Makaron, geschreven naar aanleiding van het lezen van Plato’s boek “Ion” in de Rubicocursus.

SOKRATES: Wat toevallig dat ik je tegenkom, Makaron. Waar kom je vandaan? Van het Bakkesfeest in Efese?
MAKARON: Nee hoor, Sokrates ik was in Korinthe op het Dionysiusfeest.
SOKRATES: Wil je zeggen dat ter ere van de god een wedstrijd voor bakkers werd gehouden?
MAKARON: Inderdaad, voor alle takken van de kookkunst trouwens.
SOKRATES: Vertel eens, heb je aan de wedstrijd meegedaan? En hoe ging dat?
MAKARON: Ik heb de gouden bakplaat gewonnen, Sokrates.
SOKRATES: Toe maar! Zorg ervoor dat je de bakplaat van het Panatheense festival ook gaat winnen.
MAKARON: Als God het wil moet het lukken.
SOKRATES: Makaron met je mooie gezicht, wie kan het beste oordelen of een recept zoet genoeg is, jij of een imker, die het zoete ingrediënt levert?
MAKARON: Me dunkt dat een imker dat kan.
SOKRATES: En de bakkunst verschilt die van de kunst van het bijenhouden?
MAKARON: Ja
SOKRATES: Let dan op Makaron, wie kan er het beste beslissen of jouw koeken de lekkerste zijn, een imker of een schoenmaker?
MAKARON: Dat maakt volgens mij geen enkel verschil, Sokrates.
SOKRATES: Wat? Maakt dat geen verschil, zeg je? Wil je zeggen dat je dezelfde koek bakt voor een bijenhouder als voor een schoenmaker?
MAKARON: Bij Zeus, Sokrates, ik begrijp waar je heen wilt, ik zou voor deze twee groepen dan toch verschillende koeken bakken omdat ik dan meer geld kan opstrijken.
SOKRATES: Mijn beste Makaron, welke koek zou jij als goede bakker dan bakken voor de bijenhouder?
MAKARON: Een stevige honingkoek die de honger goed stilt als hij de hele dag zijn bijenvolken moet verzorgen, Sokrates.
SOKRATES: En voor de schoenmaker, Makaron?
MAKARON: Een malse koek die luchtig is als een sandaal, Sokrates.
SOKRATES: Geloof je dat een goede bakker ook een goede mensenkenner is, Makaron?
MAKARON: Jazeker, Sokrates.
SOKRATES: En ben je niet de beste bakker van Korinthe?
MAKARON: Nou en of, Sokrates, dat komt door mijn studie van Homeros.
SOKRATES: Hoe komt het dan Makaron dat jij nog nooit voor de Rubicocursisten een koek hebt gemaakt?
MAKARON: Wie zijn dat nu weer?
SOKRATES: Dat zijn Barbaren die een cursus volgen omdat ze weten dat ze niets weten. Halverwege de les sukkelen ze bijna in slaap en snakken dan naar een versnapering van een bekwame bakker. Als je geen vakman bent dan heb je me een streek geleverd. Als je wel een vakman bent, en me niet bedrogen hebt met je gouden bakplaatprijs, laat je dan door de goden inspireren en maak voor hen iets moois.
Kies maar hoe je aangemerkt wil worden.
MAKARON: Nou Sokrates, het is veel beter om voor een vakman te worden aangemerkt.
Ik zal speciale makarons gaan maken voor deze Rubicocursisten.
SOKRATES: We gunnen jou die eer dan maar, Makaron en eindigen dit gesprek nu eens niet in aporie.

@ Plato, Makaron; gedateerd door prof. Debra Nails in 411 BC,
vertaald door Inostrate uit Skinnos

Het bijpassende recept van de Makaron
gemaakt door de Griekse bakker Makaron, de beste bakker in Korinthe ten tijde van Socrates.
Wat zat erin volgens culinair filosofe Inostrate die dit koekje heeft gereconstrueerd?

Voor 17 makarons heb je nodig:

Makaron van de Griekse bakker Makaron

Makaron van de Griekse bakker Makaron

2 eiwitten
een snuf zout
100 gram witte basterdsuiker
1 eetlepel bloem
115 gram geraspte kokos
15 gram vanillesuiker
5 gram citroensuiker

 

 

 

 

 

De bereiding:

Klop de eiwitten goed stijf in een vetvrije kom, in de huidige tijd kan dit snel met een mixer of keukenmachine.
Meng ondertussen zout, basterdsuiker, bloem en de kokosrasp en de smaaksuikers in een aparte kom.
Voeg dit mengsel in drie gedeeltes al scheppend toe aan de luchtige eiwitten. Het moet een luchtige egale massa worden.
Bekleed een bakplaat met bakpapier en vet deze dun in met boter/margarine.
Schep van dit beslag lepelsgewijs bergjes op de bakplaat. Laat dit een kwartiertje staan om uit te drogen, je krijgt zo mooie makarons met reliëf.

Verwarm de oven voor op 170 graden. Bak de koekjes in maximaal 15 minuten goudbruin.

Geniet ervan bij een feestmaal met verdunde Griekse wijn.

Tip: De ostraka zijn ook  heerlijke socratische koekjes:

ostraka van Socrates

ostraka van Socrates

en de hartige botjes van Socrates zijn ook niet versmaden:

botjes van Socrates

botjes van Socrates