Tagarchief: venkelzaad

Venkelkoekjes van Seneca – bevat gluten

Een korte reisimpressie, een historische ‘vondst’ van een unieke brief van de filosoof Seneca en een venkelkoekje, dit alles deze keer in het blog van dasanderekoek!
In de maand mei was ik in Italië op een groepsreis met Rubico om in de voetsporen van de Romeinse filosoof Seneca te treden. Hierbij werd de stad Pozzuoli bezocht, het vroegere Putuoli. Deze stad was in de Romeinse tijd een zeer belangrijke haven die zorgde dat het oude Rome bevoorraad werd van graan uit Afrika en zeldzame producten uit Azië. De stad ligt aan een azuurblauwe baai in de buurt van Napels en in deze omgeving verbleven rijke Romeinen in hun grote zomervilla’s met een luxe badcultuur. Onderstaande foto’s geven een impressie van deze reis.


Seneca was als filosoof en politicus de leraar van de jonge keizer Nero en Seneca regeerde tegelijkertijd het Romeinse Rijk in de jaren 54 tot 62. Daarna probeerde hij tijdens de regering van de alleenheerser Nero de politieke moraal in Rome nog enigzins positief te beïnvloeden door zijn geschriften waarin hij bedekte kritiek uitte. Openlijke kritiek zou hem meteen de kop kosten. Onze reisgroep kreeg ’s morgens uitleg over een aantal van Seneca’s brieven. Hierin vertelde hij over de omgeving van Putuoli die bij hem filosofische overpeinzingen opriep en indirecte kritiek waren op Nero’s beleid voor een goede verstaander. Als ode aan Rubico  stelde  ik de volgende satirische brief samen in Seneca’s schrijfstijl die ik ‘vond’ in de Romeinse opgravingen onder ons kuurbadhotel Neronensis. In het volgende fragment van mijn brief verwerk ik onze reiservaringen.

Seneca overdenkt zijn leven tijdens een verblijf in Putuoli en beschrijft aan zijn denkbeeldige vriend Lucillius het volgende idee:

Wat zou er gebeurd zijn als ik een kleine filosofenschool had opgericht, Lucillius? De beste manier om iets te leren is immers om er les in te geven. Deze filosofenschool zou de naam kunnen dragen die mij hier in Putuoli voor de geest komt: Rubico Neronensis. Op deze school zou ik volwassenen lesgeven, zowel mannen als vrouwen uit alle delen van het Romeinse rijk. Waar denk je anders dan in Baiae zou ik de school oprichten zodat we een voortreffelijk uitzicht hadden op de blauwe baai en kaap Micene? Boven de ingang van de school zou de tekst Anima Felix Vivas iedereen welkom heten. In de onderliggende gewelven van het schoolgebouw zou ik een sobere badgelegenheid plaatsen want hygiëne is erg belangrijk. De leerlingen zou ik in de ochtenduren vrijmoedig voorlezen uit mijn brieven aan jou Lucillius, en samen zouden we erover van gedachten wisselen. In de middaguren stel ik me dan voor om hen  wandelend rond te leiden langs de  villa’s van Scipio en Vatia, wiens levens voorbeeldig waren. Zonder gezelschap is geluk onmogelijk en al filosoferend zouden we leren hoe te leven en te sterven. Als leraar zou ik sober gekleed zijn, in korte Griekse toga en mijn haren zouden kortgeknipt zijn. Ook de leerlingen zouden zich kleden in korte mantels en dunne beenkleding en sandalen aan hun voeten dragen. We zouden gezamenlijk eten van gezonde maaltijden met vis, schaal en schelpdieren uit de baai, veel groenten en een kleine hoeveelheid brood. Alles met mate want een overmaat aan eetlust loopt uit op vetzucht, daarom moet dit vermeden worden, niet uit oogpunt van zelfbeheersing, maar van gezondheid. De sfeer zou ontspannen zijn want slaven zorgen voor de maaltijden en slaapgelegenheden. Inderdaad, Rubico Neronensis is iets groots wat ik nog ooit had willen bereiken. Wat denk je Lucilius, vind je dit een belachelijk idee? Wie met zichzelf kan lachen is nooit belachelijk.
Hartelijke groeten, Seneca

© jaar 65, Seneca – brief in mei 2019 gevonden door Inostrate in de kelderruimte van hotel Neronensis te Pozzuoli            

Als idee voor een filosofisch tussendoortje vond ik bij een plaatselijke Italiaanse bakker in Pozzuoli een lekker licht zoet knabbelkoekje. Het was gemaakt van een soort brooddeeg (Tarallini geheten) dat uitstekend past bij Seneca’s sobere levensstijl én bij de plaatselijke eetcultuur van Pozzuoli/Putuoli waarin graan, olie, wijn en venkelzaad voorkomen. Je kunt dit nu zelf gaan maken.

venkelknabbels fil kl

venkelzaadkoekjes voor de filosoof Seneca


Wat heb je nodig voor Seneca’s knabbelkoekjes met venkel?

200 gram tarwebloem
50 gram volkorentarwemeel
3 gram zout
1 theelepel gevijzeld venkelzaad
6 gram bakpoeder
30 gram pijnboompitten
30 gram vloeibare honing
50 gram olijfolie
95 gram water en/of witte wijn

De bereiding:

Meng eerst de droge bestanddelen, het meel, de bloem, zout, bakpoeder, venkelzaad en pitten in een kom door elkaar en voeg daarna de honing, olijfolie en het water of de wijn toe en kneed hiervan een soepel deegje.
Verwarm de oven op 175 graden Celsius.
Neem kleine stukjes deeg van 20 gram en maak er dunne rolletjes van van ongeveer 9 centimeter. Sla dit om je vinger en knijp de uiteinden samen zoals bij een tortellini. Leg alle rondjes op een bakplaat met bakpapier en bak ze in 16 minuten goudbruin, ze worden wat donkerder aan de onderkant. Draai de oven uit en laat het knabbelgebak daarna nog twee minuten nagaren en uitdrogen in de afkoelende oven.
De broodkoekjes zijn het lekkerst op de dag van het bakken als ze vers en warm zijn maar je kunt ze ook kort bewaren in een goed afgesloten trommel nadat ze afgekoeld zijn en oppiepen in een koekenpan om ze weer knapperig te maken.
Deze lichtzoete venkelzaadknabbels zijn lekker bij een glaasje wijn of bij een picknick of maaltijdsoep als bijgerecht en bij het lezen van de brieven van Seneca.

Ook gevaarlijk lekker en leuk om te lezen zijn de gifkoekjes voor Seneca gemaakt door Agrippina, de moeder van Nero!

gifkoekjes seneca2 klein

de gifkoekjes voor Seneca

Advertenties

Boekweitbrood met cranberry’s – glutenvrij

Recepten ontstaan soms uit een noodzaak. Het boekweitmeel in mijn kast naderde de uiterste houdbaarheidsdatum en ik maakte er ruim gebruik van om dit stevige glutenvrije boekweitbrood te maken. Boekweitmeel is heel geschikt in gebak en brood en om te combineren met kruiden en wat zoets om zijn sterke aardse smaak ietwat te verzachten. Om een luchtiger resultaat te krijgen voegde ik tapiocameel toe aan het meelmengsel en voor de smaak venkelzaad, citroensuiker en zoetzure cranberry’s. Het geheel  is een hip en smakelijk brood geworden met af en toe een venkeltoets en een hapje cranberry. Dit glutenvrije boekweitbrood is heel goed te snijden en niet droog of kruimelig. De stevige korst is knapperig als het brood vers is en de smaak benadert die van een smakelijk roggebrood met de kruiden van een ontbijtkoek. Nog een voordeel is dat het lekker lang mals blijft.
Gebruik in dit recept  meelsoorten en bakpoeder met  glutenvrije logo of aanduiding.

boekweit cranberrie glu kl

stevig glutenvrij boekweitbrood met cranberry’s

Wat heb je nodig voor het glutenvrije boekweitbrood met cranberry’s?

300 gram boekweitmeel
100 gram tapioca
8 gram gedroogde instant gistkorrels
8 gram bakpoeder
8 gram fiberhusk
8 gram bakkerszout
1/2 theelepel venkelzaad
15 gram lichte basterdsuiker
10 gram citroensuiker
20 gram olijfolie
350 gram lauwwarm water
vulling:
50 gram cranberry’s
garnering:
1 eetlepel pompoenpitten
1 eetlepel sesamzaadjes

De bereiding:

Vet het bakblik in met olie en bekleed het met bakpapier.
Meng de ingrediënten in de volgorde van het recept: eerst de droge bestanddelen: meelsoorten, gist, bakpoeder, fiberhusk, zout, venkelzaad en basterdsuiker plus de citroensuiker. Meng alles met een garde door elkaar. Daarna voeg je de olijfolie en het warme water toe en en als laatste voeg je de cranberry’s toe. Meng nu met een siliconen spatel alles door elkaar tot een gladde massa.
Stort het beslag in het bakblik wat je bekleed hebt met bakpapier.
Maak de bovenkant glad met een natte spatel en strooi er de pitten en zaadjes over ter garnering.
Laat het deeg 45 minuten rijzen tot aan de rand van het bakblik.
Verwarm de oven 10 minuten voor. Plaats een bakje met water in de oven voor stoomvorming.
Laat het boekweitbrood 30 minuten bakken bij 200 graden Celsius.
Neem het uit de vorm en laat het nog 5 minuten na-bakken op het bakpapier op een rooster voor een betere korst. Het brood is dan lichtbruin van kleur en klinkt hol als het gaar is. Laat het afkoelen op een taartrooster.
Snij dit stevige boekweitbrood dun om te voorkomen dat het te zwaar op je maag ligt.

Het boekweitbrood met cranberry’s is belegd met kaas, vlees of zoet beleg zoals appelstroop of halfzoete jam heel lekker. Het is ook prima als een sneetje tussendoor bij de koffie.

Misschien vind je dit ook lekker: glutenvrije boekweitpistolets

glu pistolets klein

glutenvrije boekweitpistolets

Maisbrood met zuurdesem en gist – glutenvrij

Aan het begin van dit nieuwe jaar een smaakvol glutenvrij brood met een knapperige korst, met gist én zuurdesem voor een heerlijke broodsmaak en luchtigheid. Het is een mooi, lichtgekleurd en stevig brood geworden met smaken van sinaasappelsuiker, venkelzaadjes en cranberry’s. Naast maismeel als hoofdmoot zit er ook havermeel (in de zuurdesem) en tapioca in. Tapioca maakt het meelmengsel wat luchtiger. De venkelzaadjes overheersen niet maar geven af en toe een vleugje zoete venkelsmaak. En af en toe kom je een frisse cranberry tegen. Je ziet op de foto aan de mooie grote luchtige gaatjes dat het deeg heel goed gerezen is. Door de zuurdesem plus de langere rijs van dit recept ontstaat een krachtige volle glutenvrije graansmaak, net zoals bij het glutenvrije kerstbrood van mijn decemberblog wat jullie veelvuldig hebben bekeken. Het geeft veel voldoening om met deze combinatie van zuurdesem en gist je eigen glutenvrije brood te bakken en ik hoop dat jullie er ook van gaan genieten. Je krijgt een zeer smakelijk luchtig brood wat altijd lukt, zeker met de stapsgewijze uitleg. Gebruik hierbij uitsluitend glutenvrije meelsoorten met het glutenvrije logo.

maishaverbr glu desemengist kl

heerlijk glutenvrij maisbrood met cranberry’s gerezen door zuurdesem plus gist

De bereiding van dit kruidige gevulde glutenvrije zuurdesembrood met gist:

Stap 1.   Zorg voor een actieve portie zuurdesem die op kamertemperatuur is. Het moederdeeg voed je de avond voor het bakken bij tot de gewenste hoeveelheid:
je neemt 100 gram moederdeeg en vult dit aan met 75 gram havermeel en 75 gram lauw water. Laat dit afgedekt op een warme plaats staan. In de koude wintermaanden kan dit op een pak kranten op een radiator of op een vensterbank boven de radiator. Zo ontstaat de 250 gram zuurdesem die je nodig hebt.

Stap 2.   Voordeeg maken en rusten:
Alle ingrediënten  die je gebruikt op kamertemperatuur laten komen. 
250 gram zuurdesem van havermeel, zie stap 1.
200 gram maismeel
65 gram tapioca
15 gram sinaasappelsuiker
1/2 theelepel venkelzaad
200 gram lauw water
Maak hiervan het voordeeg door de meelsoorten te mengen in een mengkom met een garde en dan de suiker en zaadjes toevoegen en daarna het water. Roer alles glad met een garde en laat afgedekt een uur rusten.

Stap 3.   Na de rust toevoegen aan het voordeeg:
8 gram instant gistkorrels
8 gram fiberhusk
8 gram bakkerszout
10 gram neutrale (olijf)olie
40 gram cranberry’s
50 gram lauw water
garnering:
1 eetlepel sesamzaadjes en 1/2 theelepel venkelzaadjes

Deze ingrediënten toevoegen, als laatste het lauwe water en meng alles met een rubberen spatel. Het wordt een dik vloeibaar deeg.
Vet de broodvorm in met olie en bekleed een broodvorm met bakpapier en schep het deeg hierin.
Bestrooi het deeg met de zaadjes.

Stap 4.   Laat dit deeg rijzen tot het de rand van de vorm heeft bereikt.
Dit duurde bij mij 1 uur en 40 minuten.

Stap 5.   
Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius en plaats er een vuurvast schaaltje water in voor stoomvorming. Let op voor hete stoom bij het openen van de oven.
Bak het brood in ongeveer 35 minuten gaar en goudbruin. De korst is dan knapperig en het brood klinkt hol als je erop klopt.

Wacht met aansnijden tot het brood geheel is afgekoeld, tot twee uur na het bakken. Dan is het stevig en heeft het zich gezet. Het glutenvrije maisbrood is lekker met kaas of vleesbeleg maar ook met zoet.