Tagarchief: volkorenspeltmeel

Volkorenspeltbrood met pitten – bevat gluten

Voor een lezing over brood bakte ik dit lekkere pure speltbrood met pitten en zaden. Hierbij kun je kunt variëren met nog meer smaakmakers die ik bij het recept noem.
Speltmeel is niet gezonder qua voedingsstoffen dan tarwemeel en de smaak vind ik persoonlijk niet heel anders. Het bevat ook bijna evenveel gluten dan tarwe, de rassen zijn erg verwant. Het is voor sommigen met een gevoelige darm, ook voor mij, wat lichter verteerbaar dan tarwebrood doordat er minder fructanen in het meel inzitten. Spelt is al bekend in de oudheid als basis voor brood en daarom vind ik het interessant. Als belangrijk voordeel heeft spelt dat door de dubbele kaf rond de korrel er minder bestrijdingsmiddelen nodig zijn bij de teelt, de aar is beter beschermd tegen gewasziektes. Het malen van de korrels is daarentegen weer bewerkelijker, de kaf moet er twee keer worden afgehaald en dit maakt het meel duurder. Kneden van speltbrood moet niet te lang duren en het deeg voelt wat zachter of slapper aan dan deeg van tarwemeel.

volkoren speltbroden

volkoren speltbroden met pitten

Wat heb je nodig voor 2 kleinere volkoren speltbroden met pitten?

500 gram volkoren speltmeel
10 gram (bakkers)zout
7 gram instant gedroogde gist
2 eetlepel sinaasappelsuiker
2 eetlepels olijfolie
40 gram zonnebloempitten
25 gram pompoenpitten
ongeveer 295 cc handwarm water
garnering:
1/2 geklopt ei en 1 lepel water
maismeel om te bestrooien
enkele eetlepels zonnebloempitten

De bereiding met de hand:

Vet een bakplaat in met wat olie of gebruik bakpapier.
Zet alle ingrediënten klaar en weeg ze af. Zorg voor een warme omgevingstemperatuur en vermijd tocht.
Meng en zeef eerst het meel, het zout en de gist en de sinaasappelsuiker in een ruime mengkom door elkaar.
Voeg de pitten en zaden toe. Maak een kuil in het midden.
Giet de olie en het water in het midden van het meelmengsel en werk dit door het meel. Is het deeg nog te droog voeg dan druppelsgewijs een of twee lepels extra water toe. Is het deeg te nat een of meerdere lepels extra meel erbij strooien.
Beter iets te vochtig dan te droog deeg, door het kneden wordt het ook wat droger. Het deeg moet niet echt plakken aan je handen en loslaten van de bodem van de mengkom.
Haal het deeg uit de kom en kneed nu 5 minuten op je werkblad tot het soepel en elastisch aanvoelt. Dit kan door met de handpalmen de deegbal van je af te duwen op het werkvlak of het deeg verschillende malen uit elkaar te trekken en weer tot een bal te vormen.

Bestrooi het deeg met wat maismeel en zet het deeg in de kom  weg om te rijzen voor de eerste keer. Dit kan op koude dagen op een pan met warm water en met een vochtige doek of een grote plastic zak erover. Op warme dagen is dit niet nodig en kan het afgedekt rijzen bij kamertemperatuur.
Laat het deeg minimaal 1 uur rijzen of tot het volume ongeveer is verdubbeld.

Kneed het speltbrooddeeg na het rijzen nog een keer kort door en vorm er twee langwerpige stokbroden van. Dit doe je door het deeg in tweeën te delen, plat te drukken met je vingers tot een vierkant en weer op te rollen. Zo blijft het goed in vorm bij het rijzen.
Gebruik hierbij maismeel tegen het plakken van het deeg. Strooi dit aan de buitenkant, niet erdoor mengen.
Leg de broden op de vlaaiplaat met bakpapier. Snij de broden aan de bovenkant schuin in met een scherp mesje.
Bestrijk de broden met het ei-watermengsel en bestrooi ze met zonnepitten. Leg er een katoenen doek losjes over.
Laat het deeg in totaal 30 minuten rijzen voor de tweede keer op een warme tochtvrije plek.

Verwarm de oven  voor op 200˚C.
De baktijd is ongeveer 20 minuten voor twee langwerpige broden.
Maak je  één grote bolvorm van dan is de baktijd 30 minuten.
Maak je er kleine broodjes van dan is de baktijd ongeveer 12 minuten, bij 200˚C gebakken.
Als het brood goudbruin is en lekker ruikt en hol klinkt als je erop klopt is het gaar. Het moet ook licht aanvoelen in gewicht.

Variaties op het speltbroodrecept

Kijk wat je in huis hebt of zelf lekker vindt en
– Kies volkoren tarwemeel in plaats van speltmeel en maak het lichter door er deels tarwebloem bij te doen.
– Voeg er 50 gram van de volgende ingrediënten aan toe: gedroogde vruchten zoals rozijnen, cranberry’s, stukjes gedroogde en gewelde abrikoos, noten, amandelen, zonnepitten na de eerste rijs.
– Voeg er kruiden aan toe bijvoorbeeld: 1 eetlepel rozemarijn met 1 eetlepel gedroogde oregano, of 2 eetlepels pizzakruiden of Italiaanse kruiden aan het begin.
– Voeg 4 gedroogde tomaatstukjes toe en 1 fijngesneden sjalotje na de eerste rijs.
– Voeg er 50 gram geraspte kaas door na de eerste rijs.
– Voeg er een eetlepel maanzaad en een eetlepel geraspte citroen- of sinaasappelschil aan toe.
– Kies 1 eetlepel komijnzaad, kummelzaad of venkelzaad aan het begin.
– Strooi er pompoenpitten, maanzaad of sesamzaadjes over na het bestrijken met ei.

Geniet ervan!

 

Advertenties

Amandelspeculaas – bevat gluten

Speculaas om uit te delen is traditie rond de verjaardag van Sinterklaas. Met dit recept geef je er een originele draai aan doordat in deze speculaas amandelmeel zit en  hij rijkelijk bestrooid is met amandelstiften. Hierdoor wordt de speculaas extra feestelijk.
De pittige speculaaskruiden  en de sinaasappelsuiker  geven er nog meer smaak aan.
Verder is er speltmeel in verwerkt. Je rolt de grote deeglap uit op bakpapier en plaatst hem daarna op een bakplaat en snijdt er vierkantjes van zodat het vormen makkelijk is. Maak er een ander blij mee of eet het samen op.

speculaas met amandelen

speculaas met amandelen

Wat heb je nodig voor een bakplaat vol amandelspeculaas?

200 gram plantenmargarine
160 gram lichtbruine basterdsuiker
20 gram sinaasappelsuiker
15 gram speculaaskruiden
2 theelepels bakpoeder
1/2 theelepel zout
150 gram volkoren speltmeel
200 gram tarwebloem
50 gram amandelmeel
1 losgeklopt ei
garnering:
1/2 losgeklopt ei om te bestrijken
100 gram gestifte amandelen

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Snij de margarine in kleine blokjes en mix dit snel samen met de basterdsuiker en de sinaasappelsuiker in een grote mengkom. Zeef de kruiden, de bakpoeder en het zout en de meelsoorten en voeg deze toe. Meng snel met de hand tot kruimels. Voeg dan het losgeklopte ei toe en kneed tot een samenhangende bal.

Leg nu een stuk bakpapier op je werkblad en plak dit met een paar druppels water vast aan de onderkant zodat het uitrollen makkelijk gaat. Plaats de deegbal midden op het bakpapier en rol deze met een deegrol zo ver mogelijk uit totdat je bij de randen komt en alles gelijk van dikte is. Hierbij is een klein beetje bloem nodig om de deegrol niet te laten plakken aan het deeg.
Leg het uitgerolde deeg met het papier op het bakblik. Bestrijk het deeg met het losgeklopte ei en bestrooi het met de gestifte amandelen. Snij het deeg daarna in ongeveer 45 vierkantjes.

Bak de speculaas in ongeveer 15 minuten mooi bruin en gaar, let op dat de amandelen niet verbranden. Haal de speculaas uit de oven en snij de stukjes nog even los. Haal ze dan van de bakplaat en leg ze op een rooster om af te koelen.

Vol verwachting klopt ons hart maar wij weten al wie de koek krijgt…

Dit vind je misschien ook leuk: een Sinterklaasvlaai met rode appel en kruidnootjes

 

 

 

 

 

Anna’s appelvlaai met speltmeel – bevat gluten

Dit appelvlaairecept is een ode aan mijn moeder die mij de kunst van het bakken heeft bijgebracht. Deze vlaai van koekdeeg maakten we vaak samen. Dit deeg noemen we nu shortbread., snel gebakken zoet koekdeeg. Het is heerlijke appeltaart op een wat hoge temperatuur gebakken met een gare vulling. Mijn moeders recept heb ik gemoderniseerd door er wat andere meelsoorten in te doen en cranberry’s te nemen in plaats van rozijnen in de vulling. De garnering maakte ik van koekharten en pijnboompitten bovenop de open vlaaivorm.
Mijn moeders vlaai was dicht, met een deksel van deeg, en zij gebruikte een gewone vlaaivorm. Ze keerde de vlaai om na het bakken met twee roostertjes, een kunst waar we ontzag voor hadden.  Nu zijn er  ideale vlaaibakvormen met een losse bodem zodat je de vulling kunt zien en je deze kunst niet meer hoeft toe te passen.

Wat heb je nodig voor Anna’s appelvlaai?

300 gram speltbloem
50 gram gezeefd speltvolkorenmeel         anna's appelvlaai apart
50 gram amandelmeel
10 gram bakpoeder
1 gram zout
175 gram fijne kristalsuiker
15 gram citroensuiker
125 gr. plantenmargarine of roomboter
1 ei
3-4 eetlepels water of (lactosevrije) melk
amandel- of paneermeel
vulling:
5 dikke appels
25 gram suiker
10 gram citroensuiker
10 gram custardpoeder
30 gram cranberries
2 eetlepels pijnboompitten
garnering:
10 gram plantenmargarine
10 gram grove suiker

De bereiding:

Maak eerst de vulling door de appels te schillen. Verdeel daarna de appels in parten en daarna in kleine blokjes.
Was de appelstukjes en kook ze vijf minuten in een steelpan met aanhangend water net niet gaar.
Voeg de suiker en citroensuiker en cranberries toe en bind alle aanhangende vocht met custardpoeder (of aardappelmeel) dat met een paar lepels water vermengd is. De vulling moet de dikte van een stevige compote hebben.
Laat dit nu afkoelen.

Voor het deeg zeef je de meelsoorten, het zout en het bakpoeder samen. Verwijder de grove zemelen van het speltvolkorenmeel, persoonlijk vind ik dit een fijner deeg opleveren. De zemelen kun je bewaren voor in een brood bijvoorbeeld.
Meng de meelmassa en de suikers samen met de roomboter of margarine. Meng dit tot een kruimelige massa. Voeg dan het ei en het water/melk toe tot een goede samenhang. Laat het deeg even afgedekt een half uurtje koelen en opstijven.
Vet ondertussen een vlaaivorm royaal in met margarine. Ik koos een vlaaivorm met een uitneembare bodem, doorsnede 28 cm. Leg onderin de vorm een rond vel bakpapier om de vlaai makkelijker te lossen en een metalen bijsmaak door de zure vulling te voorkomen als de vlaai wat langer wordt bewaard. Daags erna is de vlaai namelijk ook erg lekker, hij is dan wat smeuïger.

Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius.
Neem 2/3 van het deeg en rol die uit tot een doorsnede van ruim 30 centimeter. Je kunt het bij het uitrollen en omdraaien steeds licht met bloem bestrooien tegen het plakken. Klap het deeg dubbel over de deegrol en leg het deeg in de vlaaivorm. Een andere methode is om het deeg uit de rollen op bakpapier en zo over te brengen in de vorm door het eraf te laten glijden. Prik er met een vork gaatjes in en strooi een dun laagje paneermeel of amandelmeel op de bodem om hem krokant te houden.
Verdeel de vulling over de bodem. Strooi er pijnboompitten over.
Maak van de rest van het deeg kleine koekjes en maak een leuk patroon op de vlaai.
Smelt wat plantenmargarine en bestrijk de deegfiguurtjes dun met gesmolten margarine.
Strooi hierover wat grove suiker.

Bak de appelvlaai in 15-16 minuten gaar en lichtbruin.
Laat hem nog 10 minuten in de vorm afkoelen en haal hem dan voorzichtig uit de vorm, de randjes eerst even losmaken met een mesje. Laat de vlaai verder afkoelen op een rooster, de bodemplaat kun je er ook onder laten zitten. Als er wat bakpapier onderin ligt zal er geen metaalsmaak aan het deeg ontstaan..
Het resterende deeg kun je invriezen of je maakt er koekjes of kleine vlaaitjes van.
Geniet ervan met familie en vrienden.

Relikwietjes van Hildegard van Bingen – bevat gluten

Filosofie en geloof gingen in de Middeleeuwen hand in hand. Hildegard van Bingen (1098-1179) werd als Duitse Benedictijnse abdis gerespecteerd en adviseerde o.a. Bernard van Clairvaux en keizer Frederik Barbarossa. We hebben haar gedachtegoed bestudeerd in een filosofiecursus bij Rubico. Zo ontdekten we dat zij  kennis had genomen van Griekse filosofie. Maar in die tijd mocht je dit, zeker als vrouw, niet duidelijk kenbaar maken. Door haar visioenen kon ze haar wijsheid waarschijnlijk gelegitimeerd aan haar tijdgenoten aanbieden. Ze componeerde prachtige muziek en schreef boeken over o.a. de natuur en geneeskunst en gaf ook nog voedingsadviezen.
Spelt en specerijen waren volgens Hildegard van Bingen heilzaam. Je zou haar de eerste diëtiste kunnen noemen. Haar relieken werden in 1642  overgebracht naar de parochiekerk in Eibingen waar zich nog meer relieken bevinden van andere heiligen. Nu nog bezoekt men deze plaats als bedevaartsoord. Hierdoor geïnspireerd heb ik deze wat oneerbiedige relikwietjes bedacht.

kruidige relikwietjes

kruidige relikwietjes van Hildegard van Bingen

Wat heb je nodig voor een bakplaat vol relikwietjes?

300 gram volkorenspeltmeel
100 gram speltbloem
4 gram bakpoeder
1 gram zout
175 gram roomboter in blokjes
150 gram bruine basterdsuiker
50 gram honing
1 ei
1 theelepel kaneel
1/2 theelepel nootmuskaat
1/2 theelepel kruidnagelpoeder

De bereiding:

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius als je de koekvormpjes gaat maken. Het kost even tijd maar dan heb je ook iets bijzonders.
Zeef het meel, de bloem en het bakpoeder samen.
Meng alle ingrediënten daarna snel door elkaar. Vorm er een bol van. Rol met een deegrol het deeg tot een dikte van ongeveer 5 mm en steek hier rondjes uit.
Maak van de restjes deeg botjes als volgt:
Maak ronde staafjes van het deeg die iets kleiner zijn dan de koekrondjes. Snij de uiteinden eerst recht af en dan de uiteinden dwars iets insnijden.
Vorm er echte botjes van door de uiteinden iets te spreiden en op te bollen. Leg de botjes op de deegrondjes.
Bak de relikwietjes in ongeveer 10 minuten bij 175 graden Celsius tot ze licht goudbruin zijn.

Bij deze koekjes past natuurlijk een kruidenthee van citroenverbena of citroenmelisse.