Tagarchief: zoete oosterse koekkruiden

Harde glutenvrije wafels

Wafels zijn altijd lekker en makkelijk te maken, ook buiten als de temperatuur aangenaam is. Ik ben benieuwd wat jullie van deze glutenvrije wafels vinden. Het zijn knapperige wafels geworden die lang lekker blijven. Het was weer een mooie uitdaging om deze wafeltjes te bakken en het recept uit te vinden. Ze zijn niet te zoet of te vet geworden en ze smaken heerlijk kruidig door de zoete oosterse koekkruiden. Deze kruiden geven een mooie kleur aan de wafeltjes net als de basterdsuiker, het havermeel en boekweitmeel. De tapioca verluchtigt het vezelrijke meelmengsel en is neutraal van smaak. Gebruik meelsoorten en bakpoeder met de aanduiding glutenvrij.

glutenvrije wafeltjes, lekker kruidig en knapperig

glutenvrije wafeltjes, lekker kruidig en knapperig

Wat heb je nodig voor 20 glutenvrije kleine harde wafels?

90 gram zachte plantaardige margarine
80 gram lichte basterdsuiker
10 gram citroen- of sinaasappelsuiker
1/2 theelepel zoete oosterse koekkruiden
1 1/2 ei
1/2 theelepel/ 2 gram bakpoeder
1/4 theelepel zout
1/4 theelepel fiberhusk
100 gram havermeel
50 gram tapioca
100 gram boekweitmeel

De bereiding:

Meng de meelsoorten met de fiberhusk, zout en het bakpoeder en de kruiden in een kom en zet even apart.
Mix de margarine met de suikers tot een luchtige massa in een mengkom. Voeg dan het 11/2 ei toe en meng dit erdoor.
Voeg dan het meelmengsel toe en meng alles door elkaar tot een stevig koekdeeg.
Laat het deeg 15 tot 30 minuten opstijven. Ondertussen kun je alles opruimen en het wafelijzer en taartrooster klaarzetten.
Ik heb kleine wafeltjes gemaakt zodat je twee deegrolletjes in het ijzer kunt leggen. Dit deelt makkelijk uit, maar de grootte kun je natuurlijk zelf bepalen. Ik maakte eerst balletjes van 26 tot 27 gram en maakte daar een langwerpig deegrolletje van.
Bak de deegrolletjes goudbruin in een voorverwarmd wafelijzer en vet vlak voor de eerste keer bakken het ijzer licht in met een neutrale olie. Laat de wafels afkoelen op een taartrooster.

deegrolletjes van de harde glutenvrije wafels

deegrolletjes van de harde glutenvrije wafels

De wafels smaken heerlijk als ze vers zijn en je kunt ze ook even oppiepen voor gebruik in je broodrooster zodat ze optimaal smaken.

Advertenties

Zomerse pruimentaart – bevat gluten

Voor in de pruimentijd heb ik een leuke pruimentaart gemaakt in een bladvorm.
Je hebt er geen bakvorm voor nodig en zo maak je als het ware een grote aparte koek met daarop de pruimenpartjes. Fijn als je een overvloed aan pruimen wil verwerken. Bij pruimengebak past heel goed amandelmeel in het deeg. Als extra smaak koos ik voor zoete koekkruiden en een beetje rum. Wil je geen alcohol, neem dan sinaasappelsap.
Tip: Ook in pruimencompote of (halfzoete) pruimenjam passen de zoete zomerse koekkruiden heel goed als smaakmaker. Het is een lichte versie van de wat pittigere winterse koekkruiden.

pruimentaart klein apart

pruimentaart in bladvorm met amandelmeel

Wat heb je nodig voor de pruimentaart?

75 gram gezeefd volkorenmeel, zonder de grove vezels
125 gram tarwebloem
50 gram amandelmeel
1/4 theelepel bakpoeder
1/4 theelepel zout
1/4 theelepel zoete zomerse koekkruiden
90 gram koude plantenmargarine in blokjes of roomboter
90 gram suiker
2/3 ei
3/4 theelepel rum

afwerking: 1/3 ei om randen te bestrijken
vulling en garnering:
350 gram rode pruimen in partjes gesneden
1 eetlepel poedersuiker
20 gram pijnboompitten
poedersuiker bij het opdienen

De bereiding:

Teken een gewenste bladvorm uit op een A4 papier met steelt en knip dit uit als sjabloon.
Was en snij de pruimen in partjes, verwijder de pitten. Zorg dat de pruimen droog zijn anders wordt het deeg te vochtig.
Strooi de poedersuiker eroverheen om  het vocht op te vangen wat eruit komt bij het bakken. Zet dit even apart.
Meng en zeef de meelsoorten en het bakpoeder samen. Voeg hieraan het zout en de koekkruiden toe en meng alles.
Voeg hieraan de suiker toe en de in blokjes gesneden margarine en meng dit tot een kruimelig geheel.
Als laatste kan het 2/3 ei erbij en de rum en kneed dan alles tot een glad deeg.
Zet dit een half uurtje in de koelkast om op te stijven.

Verwarm de oven voor op 160 graden Celsius.

Rol daarna het deeg uit tot een lap van 1 cm. op bakpapier en snij de bladvorm uit met een klein mesje. Geen meel meer toevoegen anders wordt het te droog.
Je kunt ook de bladvorm modelleren met je handen maar het is handig als je een voorbeeld hebt.

Bestrijk de randen van het deeg met het resterende ei.
Leg het deeg daarna met het bakpapier op de bakplaat en beleg dan het deegblad met de pruimenpartjes. Druk ze iets aan.
Van het resterende deeg maakte ik kleine balletjes en die kun je in de nerf van het blad leggen.
Strooi de pijnboompitten langs de randen en over de middennerf.

Bak de pruimentaart in 30 minuten gaar en goudbruin.
Laat de taart uitdampen op een taartrooster en strooi er vlak voor het opdienen een beetje poedersuiker over.

Geniet ervan in de pruimentijd.

 

Ostraka van Socrates – bevat gluten

Klassiek recept voor een boek van Plato
Men neme:
louter mannelijke personages,
een mespunt prikkelende vragen,
een snufje tegengas,
30 milliliter leesbare pennenvruchten
en twee eetlepels Atheense democratie
en overgiete het met een ironisch sausje.
Kneed het geheel samen tot een stevig instituut voor 24 eeuwen klassiek leesgenot.
Deze diepzinnigheid is goed te combineren met een zelfgebakken ostrakon.

Ostraka waren potscherven waarop geschreven werd als op een kladblaadje. Het waren voetjes van drinkbekers of hoekige scherven die groot genoeg waren om op te schrijven. Ze werden gebruikt om iemand te verbannen uit Athene via een zogenaamd schervengericht. Mannen uit Athene krasten de naam van een politiek ongewenst persoon in ostraka en zo kon na een telling een Athener weggestuurd worden voor een periode van tien jaar. Er moesten minstens 6000 stemmers zijn.

ostraka uit Athene

ostraka uit Athene

Men wilde hiermee mensen uit de openbaarheid halen: zo groot was de angst voor een demagoog of volksmenner. Dit systeem was helaas ook fraudegevoelig: analfabeten konden worden misleid en er kon iemand worden weggestemd uit jaloezie. Vaak nam men de algemene opinie aan voor zoete koek.

De filosoof Socrates is onterecht weggestemd uit Athene via zo’n schervengericht in het jaar 399 voor Christus. Hij verkoos de dood door het gedwongen drinken van de gifbeker met gevlekte scheerling boven verbanning uit zijn geliefde stad waar hij de bewoners prikkelde met filosofische vragen. De aangrijpende literaire beschrijving van zijn laatste dag te midden van zijn vrienden is te lezen in het boek van Plato genaamd Faidon waarin de onsterfelijkheid van de ziel door Socrates wordt bepleit.

Klassiek recept voor het potschervengerecht met ostraka

ostraka van Socrates

ostraka van Socrates

Wat heb je nodig voor 20 ostraka?

100 gram roomboter
70 gram suiker
30 gram zachte honing
10 gram sinaasappelsuiker
1 theelepel zoete koekkruiden
1/8 theelepel zout
150 gram tarwebloem
25 gram fijn volkorenmeel
25 gram amandelmeel
1 theelepel/4 gram bakpoeder

De bereiding:
Mix eerst de roomboter, de suiker en de honing plus de sinaasappelsuiker samen tot een romig geheel.
Meng de meelsoorten samen met de koekkruiden en het zout en de bakpoeder. Voeg dit meelmengsel toe aan de botermix en meng tot kleine kruimels ontstaan.
Voeg dan het halve ei toe en meng tot een glad deeg. Laat dit deeg afgedekt een uurtje rusten op een koele plek.

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius en bekleed een bakplaat met bakpapier.
Rol het deeg uit met een deegrol tot 2/3 centimeter en maak er met een ronde steekvorm rondjes uit. Maak in het midden van dit rondje een gat met een appelboor of met het dopje van een klein flesje.
Schrijf er dan de namen op van de te verbannen persoon in (Griekse) letters met behulp van een satéprikker of een klein mesje. Leg hiervoor de ostraka op een omgekeerd bordje zodat je ze kunt draaien tijdens het schrijven.

Plaats de ostraka op de bakplaat en bak ze in niet langer dan 10 minuten gaar en lichtbruin.

Lekker bij de gifbeker.
Ander Socratisch gebak wat je misschien leuk vindt:

Zoete worteltjestaart met muntyoghurt- bevat gluten

Een oranje worteltjestaart waar je vrolijk van wordt. En helemaal niet vies zoals in het grapje waarin het konijn bij de bakker wel drie keer langskomt en om een worteltjestaart vraagt. De bakker, moe van het gezeur, bakt er dan maar een. Als het konijn voor de Laatste keer om een worteltjestaart vraagt en de bakker positief antwoordt, zegt het konijn: vies hé!
Een konijn lust natuurlijk geen worteltjestaart, maar wij wel. Je proeft de wortel ook niet als zodanig maar deze oranje groente zorgt wel voor een licht zoete en bijzondere smaak. In veel worteltaarten zit olie maar ik koos voor margarine waardoor de taart veel luchtiger wordt en minder vet. De papaja en gewelde abrikozen geven extra bite en en geraspte sinaasappelschil en koekkruiden zijn  de andere smaakmakers.
Er zit amandelmeel in plus havermeel, speciale meelsoorten voor een volle smaak. Havermeel kun je zelf maken door havermout te malen met een staafmixer en ook amandelen kun je zelf malen. De garnering van echte worteltjes maak je eenvoudig zelf.
In plaats van het mierzoete roomkaas-glazuur wat er vaak bij wordt gegeven heb ik een frisse muntyoghurt bedacht.

worteltjestaart

worteltjestaart met muntyoghurt

Wat heb je nodig voor de worteltjestaart?

6 gewelde abrikozen
30 gram papajablokjes
200 gram geraspte wortel
2 theelepels citroensap
120 gram plantenmargarine
150 gram witte basterdsuiker
2 eetlepels sinaasappelsuiker
3 eieren
1 gram zout
1 1/2 theelepel zoete oosterse koekkruiden
50 gram amandelmeel
60 gram tarwebloem
60 gram havermeel
12 gram bakpoeder
garnering 1:
20 gram gehakte nootjes
20 gram grove suiker
garnering 2:
wortelstukjes en peterselieblaadjes
bijgerecht:
150 gram (soja)yoghurt met 2 theelepels suiker en 1 eetlepel gehakte verse munt

De bereiding:

Snij de gewelde abrikozen in kleine stukjes en meng deze met de papajablokjes. Zet even apart.
Rasp de verse wortel boven een schaaltje en meng het citroensap erdoor. Hou dit ook even apart.
Meng en zeef de meelsoorten in een schaal, samen met de bakpoeder, het zout en de koekkruiden.

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.

Mix de margarine met de basterdsuiker en de sinaasappelsuiker in een grote mengkom tot een romig mengsel. Meng hier een voor een de eieren door tot een luchtige massa.
Neem nu het meelmengsel en mix dit in drie delen door de botermassa, zo blijft de luchtigheid beter behouden.
Als laatste schep  je de geraspte wortel plus de abrikozen en papajablokjes voorzichtig erdoor met een spatel.
Neem nu een springvorm met een doorsnede van 23 centimeter en vet deze goed in. Strooi wat bloem in de vorm tegen het plakken van het deeg. Schep daarna het deeg in de vorm en maak de bovenkant glad met een rubberen spatel.
Strooi als garnering de gehakte nootjes en de suiker erover.
Bak de worteltaart gaar en goudbruin in ongeveer 35 tot 40 minuten. Als een satéprikker die erin wordt gestoken er droog uit komt, is het goed.

Laat de worteltaart afkoelen op een taartrooster.

Voor het opdienen van de taart kun je een taartversiering maken van worteltjes door dunne plakjes verse wortel te snijden in langgerekte driehoekjes, een wortelvorm. Het wortelloof maak je van takjes krulpeterselie. Je kunt ze vastplakken met een kleine hoeveelheid poedersuikerglazuur.

Muntyoghurt

Als vervanging voor de gebruikelijke roomkaas-icing maak je van de (soja)yoghurt, de suiker en de fijngehakte muntblaadjes een frisse toevoeging bij de worteltjestaart.

Leuk voor een verjaardagsfeestje! Ik heb deze taart gebakken voor mijn jarige vriendin E. Als je hier klikt kom je op de creatieve website van Hier is Haas, leuk voor kinderen.

Rabarber-amandelmuffins – glutenvrij

Deze frisse glutenvrije muffins zijn gevuld met rode rabarberstukjes en zijn vers heerlijk krokant. Ze blijven heerlijk mals en zijn niet van gewone muffins te onderscheiden.
De smaak is ook bijzonder door het zachtzoete oosterse koekkruidenmengsel wat ik heb samengesteld voor gebak in de zomermaanden. Het is niet al te pittig maar licht zoet door venkelzaadjes en bijzonder oosters door de mahlab, een klein kersenpitje wat een heerlijk aroma heeft als je het zelf vijzelt. Het recept vind je onderaan dit blog. Specerijen hiervoor zijn goedkoop bij de mediterrane supermarkt te vinden. De glutenvrije meelsoorten die ik heb gebruikt zijn voedzaam en feestelijk door het amandelmeel en de garnering van het amandelschaafsel versterkt dit.

glutenvrije amandel-rabarbermuffins

glutenvrije rabarber-amandelmuffins

Wat heb je nodig voor 12 glutenvrije rabarber-amandelmuffins?

vulling:
275 gram (rode)rabarberstengels
deeg:
90 gram zachte plantaardige margarine
150 gram suiker
20 gram sinaasappelsuiker
3 eieren
2 eetlepels sinaasappelsap
100 gram havermeel
50 gram amandelmeel
40 gram rijstemeel
8 gram bakpoeder
1 theelepel fiberhusk
1/4 theelepel zout
2 theelepels zachtzoete oosterse koekkruidenmengsel
garnering:
2 eetlepels amandelschaafsel
1 eetlepel greinsuiker of grove suiker

De bereiding:

Was de rabarberstengels en snij ze kleine stukjes van 1 centimeter.
Plaats de papieren vormpjes in een diepe muffinvorm. Als je de bodem van het papier wat invet dan plakt het deeg er straks minder aan.
Meng en zeef de meelsoorten, het bakpoeder, de fiberhusk, het zout en het koekkruidenmengsel samen in een kom. Zet dit even apart.

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Plaats een vuurvast schaaltje water in de oven tegen uitdrogen van het deeg. Let op de hete stoom bij het openen van de ovendeur.

Mix de margarine met de suikers tot een romige massa in een grote mengkom. Voeg dan de eieren een voor een toe aan deze massa.
Voeg hieraan in drie delen het meelmengsel toe en als laatste nog wat sinaasappelsap voor de juiste dikte van het deeg te krijgen.
Daarna kunnen de rabarberstukjes er door worden gemengd.
Meng het amandelschaafsel met de grove suiker en strooi dit over de muffins ter garnering. Je krijgt hiermee een lekker krokante korstje.

Vul de  muffinvormpjes met dit deeg niet helemaal tot aan de rand van de vorm.
Bak de rabarber-amandelmuffins in 30 minuten gaar en bruin. Laat ze daarna uitdampen op een rooster.
-Je kunt dit recept ook als een grotere cake maken in een vierkant laag bakblik, 20 centimeter bij 20 centimeter, gevoerd met bakpapier. De baktijd is dan 45 minuten.-Lekker in de zomer bij (munt)thee.

Zoet oosters koekkruidenmengsel

3 eetlepels koekkruiden
1 eetlepel venkel zaad
1 eetlepel mahlab

Rooster de venkel en de mahlabpitjes kort, al roerend in een koekenpan tot ze lekker gaan ruiken. Je kunt ook gemalen mahlab kopen maar de geur hiervan vervliegt snel dus ik adviseer de hele kleine kersenpitjes, die geroosterd licht naar amandel geuren, zelf te vijzelen.
Na het roosteren kun je venkel en mahlab snel en goed fijn vijzelen. Meng de venkel en de mahlab samen met de koekkruiden en je krijgt een zachtzoet en licht naar venkel geurend koekkruidenmengsel. Dit mengsel is een zomerse variant op koekkruiden voor kruidkoek en speculaas. Je kunt als basis kant en klare koekkruiden nemen of dit mengsel.

Rabarber-amandelcake – bevat gluten

Rabarber in gebak is een heerlijke trend op culinair gebied en nu de tijd en de rabarber er rijp voor is  een rabarbertaartrecept. Rode rabarber is mijn favoriet, deze oogt mooier en is wat zoeter dan de groene variant. Rabarber kun je heel goed combineren met allerhande smaken, ook als je het stooft als compote. Experimenteer maar eens met bijvoorbeeld sinaasappelsap, aardbeien of muntblaadjes erin.
Het deeg voor de taart is een zachtzoet cakedeeg met weinig boter en met amandelmeel.
Als extra smaakmaker een nieuw zelfgemaakt mengsel van oosterse zoete koekkruiden die verrassend goed passen bij de dit zomerse rabarberrecept. Dit recept bevat wat meer suiker maar dat komt door het zure hoofdbestanddeel, dit moet worden geneutraliseerd. Door de rabarberstukjes blijft de taart lang mals. Voor extra luchtigheid zorgt het natriumbicarbonaat, een rijsmiddel wat bij zure ingrediënten goed werkt.

rabarberamandelcake

rabarberamandelcake

Wat heb je nodig voor de rabarber-amandelcake?

70 gram plantenmargarine
150 gram suiker
50 gram zachte honing
1 eetlepel sinaasappelsuiker
2 eieren
190 gram (soja)yoghurt
200 gram tarwebloem
50 gram amandelmeel
8 gram bakpoeder
1/4 theelepel natriumbicarbonaat
1/4 theelepel zout
2 theelepels zoete oosterse koekkruiden
250 gram rode rabarberstengels
garnering:
2 eetlepels zonnepitten
1 eetlepel greinsuiker
1/4 theelepel zoete oosterse koekkruiden

Voorbereiding:

De oven voorverwarmen op 175 graden Celsius.
Een vierkante bakvorm (Ikea) van 20 bij 20 centimeter ruim bekleden met bakpapier. Je kunt met dit papier de cake straks uit de vorm tillen.
Was de rabarber en snij deze in kleine stukjes van 1 centimeter.
De tarwebloem, het volkorenmeel en het amandelmeel samen mengen en zeven met de koekkruiden, het bakpoeder, het natriumbicarbonaat en het zout. Zet dit meelmengsel even apart. Heb je geen natriumbicarbonaat in huis, neem dan 1/4 theelepel bakpoeder extra.
Meng de ingrediënten voor de garnering in een klein kopje door elkaar en zet dit even apart.

De bereiding:

Mix de margarine romig  met de suiker, de honing en de sinaasappelsuiker.
Mix de eieren een voor een hierdoor.
Daarna beurtelings in drie gedeeltes het meelmengsel en de (soja)yoghurt  er door kloppen zodat de luchtigheid behouden blijft.
Als laatste de rabarberstukjes erdoor mengen en het beslag in de vorm doen.
Bestrooi de cake met het mengsel van de zonnepitten, de greinsuiker of grove suiker en de oosterse zoete koekkruiden. Hierdoor geurt tijdens het bakken je keuken al heerlijk en krijgt de cake een mooie korst.

Laat de rabarberamandelcake 45 minuten bakken in de oven. Als je een satestokje erin prikt, mag er geen deeg meer aan plakken, dan is het gaar.
Neem de cake voorzichtig uit de oven en laat  nog 5 minuten in de vorm staan. Neem hem daarna uit de vorm en laat met bakpapier uitdampen en afkoelen op een taartrooster.
De korst blijft lekker lang knapperig maar ook als hij wat zachter wordt is de taart lekker.

Zoet oosters koekkruidenmengsel

3 eetlepels koekkruiden
1 eetlepel venkel zaad
1 eetlepel mahlab

Rooster de venkel en de mahlabpitjes kort, al roerend in een koekenpan tot ze lekker gaan ruiken.
Je kunt ook gemalen mahlab nemen maar de geur ervan vervliegt snel dus ik adviseer de hele kleine kersenpitjes, die geroosterd licht naar amandel geuren, zelf te vijzelen.
Na het roosteren kun je venkel en mahlab snel en goed fijn vijzelen. Meng de venkel en de mahlab samen met de koekkruiden en je krijgt een zachtzoet en licht naar venkel geurend koekkruidenmengsel. Dit mengsel is een zomerse variant op koekkruiden voor kruidkoek en speculaas.
Je kunt als basis kant en klare koekkruiden nemen of dit mengsel.
Alle kruiden en specerijen zijn voordelig te koop in een mediterrane supermarkt.